LEEDS CASTLE

 

coat of arms Leeds Castle Foundation

Leeds Castle is een waterburcht. Het kasteel is genoemd naar het dorpje Leeds dat bij het kasteel ligt en heeft dus niets te maken met de 300 km noordelijker gelegen stad Leeds.

Het kasteel wordt al beschreven in het Domesday Book van Willem de Veroveraar. Het functioneerde door de eeuwen heen als Noormannenfort, verblijfplaats van 6 middeleeuwse koninginnen, paleis van Hendrik VIII en in het algemeen als toevluchtsoord voor de machtigen en rijken. Het heeft in ruim 1.000 jaar diverse veldslagen doorstaan en menig kunstenaar geïnspireerd.

In 857 werd op de plaats van het latere kasteel een zogenaamde Royal Manor -een huis voor een vorst- gebouwd met de naam Esledes. Het was in bezit van de Angelsaksische koning Ethelbert van Wessex.

In 1278 onder Eduard I werd het gebouw flink uitgebreid en gemoderniseerd. Het werd toen betrokken als koninklijk paleis en dat zou zo lange tijd blijven.

In 1321 vluchtte in een nacht de vrouw van koning Eduard II, Isabella van Frankrijk, naar het kasteel, maar de toegang werd haar geweigerd. Het koninklijke gezelschap werd zelfs door de boogschutters vanuit het kasteel beschoten. Toen de koning daarvan hoorde, nam hij wraak door het kasteel met ballista's te belegeren.
Enkele jaren na Eduards dood werd het kasteel aan Isabella geschonken. Ze zou er blijven wonen tot aan haar dood in 1358.

In 1403 bewoonde de Engelse koningin Johanna van Navarra het kasteel. Ze was niet populair bij het volk en verdween voor 4 jaar in de gevangenis, omdat ze van tovenarij werd beschuldigd en van een poging om haar stiefzoon Hendrik V te vergiftigen.
In die tijd kreeg Leeds Castle de bijnaam Vrouwenkasteel.

De beroemdste eigenaar van het kasteel was waarschijnlijk koning Hendrik VIII die vanaf 1520 grote sommen geld spendeerde aan renovaties en uitbreidingen van het kasteel ten behoeve van zijn eerste vrouw, Catharina van Aragon. Haar met zijde beklede badkuipje -zeer bijzonder in die tijd (de Engelsen namen het niet zo nauw met hygiëne)- is er nog steeds te bewonderen. Het schilderij ‘Field of the Cloth of Gold’, dat de ontmoeting tussen koning Hendrik VIII en de Franse koning François I in 1520 herdenkt, hangt in Leeds Castle.

In 1660 werd de Engelse monarchie hersteld en schonk koning Karel II 5 miljoen ha grond in de Britse kolonie Virginia aan Lord Culpeper, vanwege zijn hulp aan de koninklijke familie in ballingschap. Culpepers zoon kocht Leeds Castle en verhuurde het aan de Engelse staat als gevangenis voor Nederlandse en Franse krijgsgevangenen. Eens staken de gevangenen de Gloriette -de woontoren- van het kasteel in brand en het zou tot 1880 duren voor die weer werd opgebouwd.

Leeds Castle figureerde in de Engelse film Kind Hearts and Coronets met 8 rollen voor Alec Guinness.

Tegenwoordig is het kasteel in handen van de Leeds Castle Foundation. Het is nu een museum.
Tijdens WO II diende Leeds Castle als hospitaal en tegenwoordig wordt het gebruikt als hotel en ook als conferentiecentrum. Het kasteel kan namelijk goed van de buitenwereld worden afgeschermd. Mede daarom bijvoorbeeld vond hier in 1978 overleg plaats tussen Moshe Dayan (Israël) en Mohammed Ibrahim Karmel (Egypte) als voorbereiding voor wat later de Camp David-akkoorden ging heten.