MAKARIOS III

Makarios III werd op 13 augustus 1913 als Mikhaïl Christodoulou Mouskos geboren in Pano Panayia in het Troödosgebergte en overleed onverwachts aan een hartaanval op 3 augustus 1977 in Nicosia.
Makarios III was een Grieks-Cypriotisch geestelijke en staatsman.

Makarios III

De boerenzoon Mikhaïl Christodoulou Mouskos trad in 1926, 13 jaar oud, als novice in het Kykkos-klooster. Hij bleef er 6 jaar. De monniken van het klooster steunden allemaal de Enosis -Aansluiting- Beweging van de Grieks-Cyprioten. De Enosis-Beweging streefde naar hereniging van de toenmalige Britse kolonie met Griekenland. De Enosis-Beweging kreeg direct -bijna vanzelfsprekend- ook de steun van Mikhaïl Christodoulou Mouskos.
Mikhaïl Christodoulou Mouskos volbracht in het klooster zijn priesteropleiding. Omdat hij opviel door zijn intelligentie stuurden zijn superieuren hem naar het Pancyprion gymnasium in Nicosia, en daarna naar Athene voor een studie theologie en rechten. Nadat hij in de rechten was afgestudeerd, werd hij in 1946 tot priester gewijd en vertrok hij naar Boston om theologie en politicologie te gaan studeren. Daar pakte hij zijn taken als priester op in de Cypriotisch-orthodoxe kerkgemeenschap.
In 1948 keerde Mikhaïl Christodoulou Mouskos terug naar Cyprus, waar hij tot bisschop van Larnaca werd benoemd. Hij nam toen de kerkelijke naam van Makarios aan. Op 18 september 1950 werd hij aartsbisschop en ethnarch - iemand die als heerser over een gebied is aangesteld, maar zonder het gezag en de naam van koning-  van Cyprus.
Net als veel publieke figuren in de Grieks-Cypriotische gemeenschap op Cyprus was Makarios in de jaren 1940 tot 1950 een actief medestander van de Eonis-Beweging.

In 1956 en 1957 leefde aartsbisschop Makarios III in ballingschap op Mahé, het grootste en meest bevolkte (72.000 inwoners) eiland van de Seychellen. Daarna keerde hij naar Cyprus terug. Na de onafhankelijkheid van Cyprus op 16 augustus 1960 werd Makarios de eerste president van de Republiek Cyprus.

De Turks-Cyprioten weigerden aansluiting -Enosis- bij Griekenland en streefden naar autonomie. Ze verzetten zich tegen alle politiek van Makarios. Gedurende Makarios' bewind waren er veelvuldig gewelddadige conflicten tussen de Turks-Cyprioten en de Grieks-Cyprioten. Van Grieks-Cypriotische zijde werd er vooral geweld gebruikt door de EOKA-II, ook EOKA-B genoemd, een radicale afsplitsing van de EOKA-I, ook EOKA-A genoemd, onder bevel van de Griekse kolonel Georgios Theodoros Grivas.

In 1959 werden Groot-Brittannië, Griekenland en Turkije het eens over de toekomst van Cyprus (Akkoord van Londen): Engeland zou op het eiland militaire bases behouden, de 3 landen zouden de onafhankelijkheid van Cyprus garanderen, de belangen van de Turkse minderheid moesten worden gewaarborgd, Enosis werd uitgesloten, want Cyprus mocht met geen enkel land een gehele of gedeeltelijke politieke of economische unie aangaan.

Op 28 december 1967 werd de voorlopige Turkse administratie van Cyprus opgericht door Fazıl Küçük (1906-1984). In 1968 werd Makarios als president van Cyprus herkozen met Küçük als vicepresident.

Beeld Makarios III

 

Standbeeld Makarios - hoofd aartsbisschop

In 1971 keerde Grivas terug op Cyprus in de veronderstelling dat Enosis -ondanks het Akkoord van Londen- door het kolonelsregime in Athene weer nieuw leven was ingeblazen. Hij organiseerde bomaanslagen op Makarios -die meer en meer in conflict raakte met Griekenland- en ontvoerde en vermoordde diens medewerkers. Begin 1974 stierf Grivas, maar de EOKA ging onverminderd door. Op 15 juli 1974 pleegde de EOKA-II een staatsgreep en moest Makarios naar de VS uitwijken. De EOKA installeerde Nikos Sampson als president. Op 20 juli 1974 viel Turkije Cyprus binnen, omdat het bevreesd was dat de Enosis met Griekenland spoedig onder de nieuwe EOKA-regering zou plaatsvinden en vanwege de onophoudelijke schermutselingen. Turkije bezette het noordelijke deel van het eiland en installeerde daar een regering onder Rauf Denktaş van de Nationale Unie Partij. Op 23 juli 1974 gaf de regering van Nikos Sampson de macht terug aan Makarios die direct daarop naar Cyprus terugkeerde en opnieuw president werd.

Makarios deed nu wel concessies aan de Turks-Cyprioten, maar die riepen uiteindelijk in februari 1975 de Turkse Federale Staat Cyprus uit, op 15 november 1983 omgedoopt tot de alleen door Turkije erkende 'Turkse Republiek Noord-Cyprus', de TRNC.

Makarios werd in 1977 geveld door een hartaanval. Op eigen verzoek werd hij begraven boven het Kykkos-klooster: 'Vanaf deze top kan ik het hele eiland dat ik liefheb, overzien.'

Graf Makarios III

Sindsdien is het wederzijdse vertrouwen onder beide bevolkingsgroepen nog zeer gering. Politieke spanningen steken nog altijd de kop op. Ook met de onderhandelingen voor de toetreding van Turkije tot de Europese Unie vormt de kwestie Cyprus een struikelblok. Door weigering van Ankara om EU-lidstaat Cyprus te erkennen kunnen de onderhandelingen moeizaam verlopen.