Dag 3. Donderdag 24 december 2015
Andernach-Rüdesheim
Rüdesheim

We gaan om 07:30 uur ontbijten.
Om 08:00 uur vertrekt MS Allegro.
Tijdens het ontbijt vaart
MPS Riviercruiseschip Calypso ons tegemoet.

MS Calypso

Om 08:50 uur passeren we de kerncentrale in Mülheim-Kärlich.

Kerncentrale in Mülheim-Kärlich

Om 10:10 uur naderen we Koblenz. Spoedig zijn we bij Deutsches Eck. Deutsches Eck, in oude teksten ook wel Deutscher Ordt genoemd, is een landtong in Koblenz die de samenloop van de Rijn en de Moezel markeert. Op Deutsches Eck staat een nationaal monument voor de Duitse eenheid: keizer Wilhelm I op een hoge sokkel. 

Koblenz vanaf MS Allegro

 

Deutsches Eck

 

Wilhelm I

Om 10:15 uur staan koffie en thee klaar in de salon.

We varen ondertussen langs de Rheinufer: onder de kabelbaan naar het 19e-eeuwse fort Ehrenbreitstein door en langs het voormalig Pruisisch regeringsgebouw. Op dag 7 zullen we hier wandelen. Leuk om deze bezienswaardigheden alvast vanaf het water te zien.

Kabelbaan naar fort Ehrenbreitstein

 

Voormalig Pruisisch regeringsgebouw

 

Voormalig Pruisisch regeringsgebouw - gevel

De Rijnkilometer is de stroomafwaartse afstand vanaf het punt waarop de Rijn bevaarbaar wordt en die langs die rivier wordt aangegeven door grote borden: de kilometerraai. Deze methode verschilt van de aanduidingen langs de Donau, waar de afstanden gemeten worden stroomopwaarts vanaf de monding in de Zwarte Zee.

Kilometerraai langs de Rijn

Om 10:45 uur varen we langs Schloβ Stolzenfels.

Schloβ Stolzenfels

 

Muurschildering Schloβ Stolzenfels

In de jaren 1242/59 werd de burcht Stolzenfels gebouwd. In de Dertigjarige Oorlog werd Stolzenfels in 1632 eerst door de Zweden en aansluitend tweemaal door de Fransen bezet. Na de verwoesting van de burcht in 1689 door de Fransen raakte de burcht de volgende 150 jaar in verval. In de Franse tijd (1794-1814) werd het eigendom van de ruïne aan de stad Koblenz overgedragen. Op zijn beurt schonk de stad in 1815 de ruïne aan kroonprins Frederik Willem van Pruisen, de latere koning Frederik Willem IV. In de jaren 1836/42 liet die het huidige slot als Pruisische zomerresidentie aan de Rijn weer opbouwen. De nog bestaande bouw van de ruïne werd op de uitdrukkelijke wens van de kroonprins geïntegreerd in de nieuwbouw. Onmiskenbaar zijn de invloeden van de Engelse neogotiek en de romantische stijl.

Om 11:15 uur varen we voorbij Braubach.
Braubach is bekend vanwege de hoog boven de stad gelegen Marksburg, de enige nooit ingenomen en verwoeste burcht aan de Rijn. Het is de geboorteplaats van de bariton Heinrich Schlusnus (1888- 952), die begraven is op het plaatselijke kerkhof.

Braubach

 

Marksburg

 

Marksburg

Even voorbij Braubach zien we de 3 schoorstenen van een oude lood- en zilvermijn.

Schoorstenen oude lood- en zilvermijn

Het is eind december. Geen druiven dus, maar ook geen sneeuw op de berghellingen.

Geen sneeuw, geen druiven

Om 12:00 uur varen we Boppard voorbij. Op de terugweg zullen we die plaats aandoen.

Boppard

Om 12:30 uur wordt de lunch geserveerd.

Menu lunch

Nog net tijdens de lunch -om 13:20 uur- varen we langs Burg Rheinfels in St. Goar.
De Burcht Rheinfels  is een versterkt kasteel in ruïne. Gelegen op de linker-Rijnoever, net voorbij Sankt Goar, is het één van de grootste kastelen die de Rijn domineren.
Burcht Rheinfels werd in 1245 gebouwd en in 1672 tevergeefs belegerd door het Franse leger tijdens de Hollandse Oorlog. Na een nieuw beleg tijdens de Eerste Coalitieoorlog werd de versterking in 1797 ingenomen door de Fransen en ontmanteld.

Burg Rheinfels

Om 13:40 uur varen we langs de Loreley rots.
De Loreley of Lorelei is een 132 m hoge rots langs de rechteroever van de Rijn bij Sankt Goarshausen, op Rijnkilometer 555. Op dit punt maakt de rivier een scherpe bocht, waardoor er een stevige stroming ontstaat. De vele schepen die hierdoor zijn vergaan, vormen het voer voor legendes en verhalen.

Loreley rots

Volgens een legende zou bovenop de Loreley een zingende nimf met gouden haren hebben gezeten die met haar gezang de schippers afleidde, waardoor ze tegen deze rots voeren. Aan de Rijn onderaan de Loreley staat een standbeeld van de nimf.
Omdat we net nog lunchen en onze tafel aan stuurboordzijde staat, kunnen we het standbeeld niet zien. Maar we komen op de terugweg van Mainz naar Boppard nogmaals langs het beeld, dus niet getreurd.

Rond  14:00 uur varen we eerst voorbij Oberwesel met de Liebfrauenkirche, daarna langs Schonberg met het kasteel Schönburg uit de 12e eeuw en vervolgens voorbij Kaub met de tolburcht Pfalzgrafenstein.

Liebfrauenkirche Oberwesel

 

Kasteel Schönburg

 

Kaub

 

Tolburcht Pfalzgrafenstein

Burg Pfalzgrafenstein is een kasteel op het eiland Falkenau, ook bekend als het eiland Pfalz. Rond 1326 werd de vijfhoekige 6 verdiepingen tellende toren gebouwd. Om de burcht liet de eigenaar vanaf 1340 een 12 m hoge ringmuur in de vorm van een schip neerzetten.
Het kasteel werd  gebruikt om tol te heffen op de Rijn, een lucratieve bezigheid voor de paltsgraven.
In 1866 viel het kasteel in handen van Pruisen en de tolheffing stopte in 1867. Sindsdien werd het gebruikt als signaaltoren voor scheepsverkeer. In 1946 kwam het onder het beheer van de deelstaat Rijnland-Palts. De deelstaat maakte van het kasteel een museum en herstelde het kleurenpatroon zoals dit in de Barok aanwezig was. Het museum weerspiegelt de situatie in de 14de eeuw. Er is dan ook geen elektriciteit of toilet aanwezig op het eiland. Het museum kan worden bezocht via een veerboot

We varen nu door een gedeelte van de Rijn waarlangs vroeger Schrinder Hannes actief was.
Schrinder Hannes -Johannes Bückler (1779-1803)- was een man die in de tijd van Napoleon leefde en handelde als een soort Robin Hood. In die tijd moesten de boeren veel geld en goed afgeven aan Napoleon en verkeerden daardoor in grote armoede. Schrinder Hannes kon dit niet aanzien en trok erop uit om de rijken te beroven, om zo de armen wat te kunnen helpen.
In het gebied tussen Kaub en Assmannshausen kreeg hij veel sympathisanten en vrienden, die hem op allerlei manieren wilden helpen en op een gegeven moment ook zelf eropuit trokken om hetzelfde te doen. Die mensen waren echter niet allemaal even eerlijk en ook veel misdadigers zagen hun kans schoon en begingen hun misdaden uit naam van Schrinder Hannes. Het gezag verklaarde hem toen vogelvrij, maar het kostte nog heel wat moeite hem te pakken te krijgen, omdat hij zoveel vrienden en beschermers had. Toen hij uiteindelijk werd gepakt, werd hij verantwoordelijk gesteld voor alle misdaden die in zijn naam waren gepleegd. Dankzij Schrinder Hannes hebben veel boeren die tijd overleefd, maar wat kreeg Hannes ervoor terug? De strop.

Bij Rijnkilometer 533 tegenover Assmannshausen staat Burg Rheinstein, sinds 2002 onderdeel van het UNESCO werelderfgoed Boven Midden-Rijndal.

Burg Rheinstein

Bij Rijnkilometer 531 staat de ruïne Ehrenfels, ooit het duurste tolhuis in de Rijn.

Ruïne Ehrenfels

De Burcht Ehrenfels is een hoogteburcht. Als onderdeel van de Boven Middenrijn werd ook de ruïne in 2002 ingeschreven op de lijst van het werelderfgoed van UNESCO vanwege de unieke combinatie van geologisch, historisch en cultureel erfgoed.
Van de ooit 600 m2 grote tolburcht bleven de 4,6 m dikke, 20 m hoge verdedigingsmuren met de twee 33 m hoge hoektorens en resten van het paleis en een poortgebouw bewaard.

Bij Rijnkilometer 530 ligt in het midden van de Rijn een klein eilandje waarop de Muizentoren staat. In het Duits is dat Mäuseturm, wat afgeleid moet zijn van Mautturm, wat toltoren betekent.

Mäuseturm

De naam Muizentoren is namelijk afkomstig uit een lokale legende. Hatto II, de aartsbisschop van Mainz, bouwde de toren in 968. Hatto II zou een wreed heerser zijn die de horigen onderdrukte. Hij bemande de toren met boogschutters en gebruikte die om tol af te dwingen van schepen.
Tijdens een hongersnood in 974 had het volk geen voedsel. Hatto had grote graanvoorraden en verkocht die voor veel geld. De armen konden dat echter niet betalen.
Wanhopig smeekte de bevolking Hatto toch wat graan af te staan. Maar hij bleef weigeren. Men zeurde net zo lang tot Hatto er genoeg van kreeg en ten einde raad maar wat graan beloofde. Er mocht net zoveel graan uit de voorraad worden gehaald als 10 mensen in 1 uur konden scheppen. Toen die mensen aan het scheppen waren, sloot Hatto de schuur af en stak hem in brand. De mensen kwamen om, maar de muizen die in de schuur zaten, wisten te ontsnappen. Toen Hatto zich vervolgens terugtrok op zijn kasteel, werd hij aangevallen door een leger van muizen. Hij vluchtte naar zijn toren in de rivier, in de hoop dat de muizen de oversteek niet zouden halen. Veel muizen verdronken,  maar een groot aantal bereikte het eiland toch, drong de toren binnen en vonden Hatto op de bovenste verdieping. Daar werd  levend opgegeten.
Het verhaal van de ‘Muizentoren’ bestaat in meerdere varianten en met meerdere heersers, maar het verhaal over Hatto is het bekendste.

Aartsbisschop Hatto II

Het kilometerbord 530 geeft trouwens de kortste Rijnkilometer aan. Hij is namelijk maar 500 m lang. Voor de telling van de Rijnkilometers is men voor het gemak en om sneller klaar te zijn op 2 plaatsen tegelijk met het tellen begonnen, zowel in Rotterdam als aan het Bodenmeer. Bij kilometerbord 530 kwam men bij elkaar en ontdekte dat men een halve kilometer tekort kwam. Men heeft het uiteindelijk maar zo gelaten en nu wordt het beschouwd als één van die specifieke dingen die bij de Rijn horen.

Voor vanmiddag is er een rollenspel en een (bloemen)quiz georganiseerd in de salon.
De salon is gezellig versierd, onder meer met plakplaatjes op de ramen.

Kerstplaatje op raam salon

We naderen Rüdesheim. We zien het Niederwalddenkmal hoog op zijn sokkel staan. Het is bijna 16:30 uur. Els heeft nog net voldoende licht om een foto te nemen.

Niederwaldmonument

Om 16:45 uur meren we af in Rüdesheim. Het duurt dan nog een kwartier voordat we aan wal kunnen.

Afhijsen loopplank

 

Aanbrengen loopplank

Rüdesheim ligt in het westen van de deelstaat Hessen in de Rheingau-Taunus-Kreis aan de Middenrijn.

De omgeving van Rüdesheim was al vroeg bevolkt, achtereenvolgens door Kelten, Ubii, Mattiacii, Romeinen, Alemannen en Franken. Archeologisch vondsten doen vermoeden dat al in de tijd van de Romeinen wijn werd verbouwd.
De Veronese Schenking (983) bracht de hele regio onder controle van de aartsbisschoppen van Mainz. In de 11e eeuw werden de wijngaarden vergroot na het omhakken van de bossen op de heuvels. In de 12e eeuw werden de Brömserburg en de Boosenburg gebouwd om respectievelijk de Brömser en het geslacht Fuchs te huisvesten. Beide geslachten waren ridders.
In de 15e en 16e eeuw bloeide Rüdesheim als nooit tevoren: de streek bleef oorlogen bespaard en de scheepvaart op de Rijn nam toe. De steile Rijnoever zorgde ervoor dat de weg eindigde en al het transport naar Assmannshausen of Lorch over de Rijn ging. Veel reizigers bleven in Rüdesheim overnachten waardoor de wijnmarkt en gastenverblijven welig tierden.
In het jaar 1803 eindigde de heerschappij van Mainz over de Rheingau. Rüdesheim kwam onder het bewind van Nassau en kreeg stadsrechten in 1818. In 1867 werd het hertogdom Nassau gevoegd bij Pruisen. 10 jaar later werd de eerste steen gelegd van het Niederwalddenkmal. De voltooiing ervan vond plaats in 1883. De stad profiteerde hiervan dankzij een kabellift (1885). In 1913 werd begonnen met de Hindenburgbrug: een grote spoorwegbrug over de Rijn. De brug werd door verschillende bombardementen in 1945 vernield. De restanten zijn nu nog zichtbaar.
In 1939 werd de gemeente Eibingen door de nazi's tegen de wil van de Eibingers in bij Rüdesheim gevoegd.
25 november 1944 was een zwarte dag voor Rüdesheim: een zwaar luchtbombardement legde de buurt rond de katholieke en evangelische parochiekerken in de as; er vielen meer dan 200 doden.
Sinds 2002 is Rüdesheim, samen met de bovenloop van het Middenrijn-dal, UNESCO Werelderfgoed.

Het stadswapen toont de 2 beschermheiligen van de stad: St. James en St. Martin. Al vanaf de 15e eeuw gebeurde dat, maar vanaf 1895 officieel. In 1935 werd het wettelijk vastgesteld. De schelp is het symbool van St. James.

Stadswapen Rüdesheim

Het is inmiddels al bijna donker in Rüdesheim.

Bijna donder in Rüdesheim

Het is best nog wel een aardig stukje lopen naar de Adlerturm.

Adlerturm

We besluiten over de Rheinstraβe naar de Drosselgasse te lopen om daar wat kerstsfeer op te snuiven.
De Drosselgasse is het hart van de oude stad. Hij is 144 m lang. Wat de Kalverstraat is voor Amsterdam, is de Drosselgasse voor Rüdesheim. Er is nu natuurlijk niemand, want het is Kerstavond en dus zijn alle winkels en zelfs restaurants gesloten.
Prominent aanwezig is Restaurant Rüdesheimer Schloβ. Dat mag ook wel, want het is inderdaad gevestigd in een oud slot waarvan de geschiedenis tot 1396 teruggaat.

Naambordje Drosselgasse

 

Drosselgasse

 

Restaurant Rudesheimer Schloβ

 

Restaurant Rudesheimer Schloβ - om de hoek

 

Restaurant Rudesheimer Schloβ - klokken aan toren

 

Rolluik in Drosselgasse

 

Nog steeds Drosselgasse

 

Winzerkeller

 

Muurschildering

Door de Oberstraβe -waarin het Foltermuseum is gevestigd- gaan we richting centrum. Er is veel versiering.

Oberstraβe - volop kerstsfeer

 

Foltermuseum links

 

Kerstbomen achterde ramen

 

Overdaad aan versiering

Maar dat geldt niet voor alle huizen.

Niet versierd 'vakwerk'huis

Op de Marktplatz -vlak naast het Rathaus- lopen we de parochiekerk St. Jakob binnen.
De kerststal en het zijaltaar vinden we de moeite waard. De tentoongestelde oude kazuifels zijn zonder meer prachtig.

Kerststal

 

Zijaltaar

 

Detail van kazuifel

Detail van kazuifel

Om 18:00 uur zijn we terug op MS Allegro en gaan we naar onze hut.

Benedengang naar onze hut

Daar frissen we ons op en drinken een glaasje.
Om 18:30 uur gaan we naar het restaurant voor het diner.

Menu diner 24 december 2015

 

Parmaham

Linzensoep

Kabeljauwfilet

Crème brûlée

De avond brengen we door in de salon.
Om 21:50 uur vertrekt er een aantal gasten naar de avondmis in de St. Jacobus Pfarrkirche.

naar volgende dag