Heilige Berg Áthos

Áthos is de naam van een schiereiland en van de gelijknamige berg op dat schiereiland in het noordoosten van Griekenland. Het gebied -335.637 km2 groot- wordt officieel Heilige Berg genoemd. De berg bevindt zich op het derde en meest oostelijke schiereiland van Chalkidikí in de Griekse landstreek Macedonië. Als Autonome Monastieke Staat van de Heilige Berg heeft Áthos een autonome status binnen Griekenland, maar valt buiten het BTW-gebied van de Europese Unie. Er wordt alleen maar rechtstreeks verantwoording afgelegd aan het Oecumenisch patriarchaat van Constantinopel in Istanbul.
Áthos ligt niet ver ten zuidoosten van Thessaloniki en ten zuidwesten van Kavála en het eiland Thassos. De hoofdstad van het schiereiland is Karyes. Dat ligt in het midden van het schiereiland en is in de 9e eeuw gesticht. In Karyes zetelt het bestuur. Dat komt 2x per jaar bijeen en bestaat uit 20 personen. Van elk klooster één afgevaardigde, die jaarlijks wordt vervangen. Daaraan is een vertegenwoordiger van de Griekse regering toegevoegd. De 20 afgevaardigden kiezen de Heilige synode, een permanente commissie van 4 leden en een voorzitter te Karyes.
Er is op Áthos ook Griekse politie gestationeerd.

Berg Áthos

Al zo'n 1.000 jaar leven hier oosters-orthodoxe monniken die zich bewust afzonderen van de wereld en de nabijheid van God zoeken. Eén worden met Jezus Christus is hun enige levensdoel. Hun enclave te midden van golven en kastanjewouden aan de voet van de met sneeuw gemarmerde berg Áthos ligt volkomen geďsoleerd.
De kloosters, die sinds de 10de eeuw uit kluizenaarswoningen zijn voortgekomen, werden een middelpunt van de orthodoxie. De grondregels zijn isolering en kastijding tegen wereldlijke invloeden, om in meditatie en het zich wenden naar God een verheven, aan het aardse ontrukt bestaan te verkrijgen. Alle kloosters op Áthos zijn inmiddels cenobitisch, d.w.z. het klooster richt zich op de gemeenschap en niet op het individu. Eigen bezit is niet toegestaan. Tot in de jaren ’60 van de vorige eeuw waren er ook idioritmische kloosters, waar je een tegenovergesteld regime aantrof, onder meer met een dagindeling naar eigen goeddunken. De idioritmische organisatievorm leidde tot verval van de kloosters, waardoor die vorm helemaal is losgelaten.  Met hun dichte baarden en zwarte pijen -waarmee ze hun afscheid van de wereld kenbaar maken- lijken de monniken deel uit te maken van een Byzantijnse muurschildering. Het is een tijdloze geloofsgemeenschap van rituelen, absolute eenvoud en voortdurend gebed. Maar ook van onvolmaaktheid. 'We zijn ons ervan bewust', zegt één van de oudsten, 'dat we, zelfs hier op Áthos, gewone mensen zijn die elke dag weer worden beproefd.'.

Overzichtskaartje

Elk klooster heeft zijn eigen territorium. Er zijn niet alleen Griekse kloosters, er is ook een Russisch-orthodox, een Bulgaars en een Servisch klooster. Ook is er een nederzetting van Roemeense monniken.
Woonden er vroeger soms 10.000-den monniken op en rond de berg, begin 2011 waren dat er nog maar 1.830. In elk klooster zijn slechts enkele monniken tot priester gewijd, die aan de anderen de sacramenten mogen toedienen.
De kloosters waren vroeger alleen per schip of over smalle paden te bereiken, de laatste jaren zijn er (zand)wegen aangelegd. Dat heeft de natuur van Áthos geen goed gedaan. Oude pelgrimspaden raken overwoekerd.

Klooster Dionysiou - opname uit 1954

 

Klooster Dionysiou - opname uit 1954

Het laatste klooster is opgericht in de 16e eeuw. Het oudste, nog bestaande klooster is Megísti Lavra uit 963. Het is tevens het grootste klooster.
Op Áthos wonen alleen maar monniken. De Berg der rimpelloze stilte is de ideale plaats voor het leven in eenzaamheid en ascese.

Monnik (1954)

Monnik (1954)
   

Monnik (1954)

Monnik (1954)

Naast de kloosters zijn er ook kleine dorpsgemeenschappen -skites- waar monniken leven. De bekendste skite is Agia Anna aan de zuidwestkust. Monniken moeten naast hun kerkelijke rol immers ook taken van meer alledaagse aard verrichten. Zo moet er op het land worden gewerkt, geoogst, gekookt, schoongemaakt, maar ook moet de boekhouding worden bijgehouden, moeten de dieren worden verzorgd, om maar wat te noemen. Een aantal jaren geleden is er zelfs een prachtig kookboek uitgegeven over de eetgewoontes van de monniken, met ouderwetse bereidingen en recepten en in de skite Katounakia op de zuidpunt van Áthos zijn monnik-icoonschilders actief.
In principe zijn de monniken selfsupporting en hebben ze geen hulp van de buitenwereld nodig.

Monnik (2012)

Er zijn op Áthos ook Griekse arbeiders werkzaam, omdat een aantal kloosters met EU-gelden wordt opgeknapt.

Áthos wordt wel de Tuin van Moeder Gods genoemd en is volgens de oude Monastische wet, AVATON, alleen voor mannen toegankelijk. Voor vrouwen is Áthos dus verboden terrein. Ook vrouwelijke (huis)dieren zijn verboden. Hoe lang dit nog zo kan blijven -omdat Griekenland deel uitmaakt van de EU en dit een beperking van de bewegingsvrijheid van de inwoners van de EU betekent- is onduidelijk. Aan de 'grens', bij het stadje Ouranopolis staan borden met de tekst: Verboden voor vrouwen. Mannelijke bezoekers vanaf 18 jaar kunnen het schiereiland alleen per schip bereiken. Zij moeten wel bewijzen religieuze of wetenschappelijke belangstelling te hebben. Aan de westkant gaat de veerboot van Ouranopolis naar het haventje van Áthos, Dafni. Aan de oostkant gaat men met de veerboot vanaf Ierissos. Alle bezoekers moeten beschikken over een speciaal vierdaags visum, dat via het Áthos Consulaat in Thessaloniki kan worden aangevraagd en als ‘diamonitirion’ moet worden afgehaald bij het Áthosbureau in Ouranopolis. Per dag worden 10 niet-orthodoxe bezoekers en ongeveer 100 orthodoxe pelgrims toegelaten.

De naam Áthos komt al voor in de Griekse mythologie. Daarin is het de naam van één van de Giganten uit Thracië, die in gevecht raakte met Poseidon. Eén van beiden wierp een enorme rots naar de ander, die op het schiereiland terechtkwam, wat de berg Áthos vormde. Op de bergtop staat een kapel, een redelijk zware voettocht voert vanaf de waterkant naar boven. Gedurende de wintermaanden ligt er sneeuw op de top.

Het 'Heilige' kookboek van de berg Áthos.
Broeder Epifanios Milopotaminos, een monnik uit één van de kloosters op de Heilige Berg Áthos, heeft een uniek kookboek gepubliceerd met producten, recepten en bereidingswijzen die passen in een monniken-dieet. Hij is hiermee zelfs op de Griekse TV geweest in een populair kookprogramma en het kookboek is een groot succes geworden. Om die reden is het ook in het Engels vertaald.

Kookboek

 

Broeder Epifanios Milopotaminos

Broeder Epifanios Milopotaminos is al ruim 40 jaar het hoofd van de keuken op Áthos en besloot een kookboek uit te geven met 126 recepten van traditionele maaltijden die al 100-den jaren door de geestelijke gemeenschap op Áthos worden gegeten. Hij begon aan zijn kookboek vanwege de grote belangstelling van de bezoekers naar de eetgewoontes in de kloosters.
De 126 recepten hebben één ding gemeen. Ze bevatten geen vlees of melkproducten. In de kloosters wordt voornamelijk (wilde) groente gegeten en vis. Het kookboek bevat daarom maar 2 hoofdstukken: groentegerechten en visgerechten. Veel van de maaltijden worden door de monniken op een open houtvuur bereid. Het uitgangspunt van de recepten is om de ingrediënten zo 'basic' mogelijk te gebruiken. Er wordt bijvoorbeeld geen bloem toegevoegd om een saus te binden, maar de saus wordt op natuurlijke wijze ingedikt door hem wat langer te laten koken. Ook wordt er zo weinig mogelijk weggegooid. Alle delen van een plant, vrucht of vis worden gebruikt als dat mogelijk is. Desserts worden op de berg Áthos niet gegeten en die kun je dus ook niet in dit kookboek terugvinden.
In een tijd van gezonder eten en ecologische producten gebruiken, is de komst van dit boek een waar succes.