WESTELIJKE SAHARA

 

Westelijke SaharaDe Westelijke Sahara ligt in Noord-Afrika, ten zuidwesten van Marokko en ten noordwesten van MauritaniŽ. De Canarische Eilanden liggen ten noordwesten van de Westelijke Sahara.

Tijdens de Conferentie van Berlijn in 1885 werd bijna heel Afrika onder Europese koloniale mogendheden verdeeld. West-Sahara werd toegewezen aan Spanje.
Toen Marokko in 1956 onafhankelijk werd van Frankrijk, gaf Spanje nauwelijks grondgebied uit handen. De Spaanse kolonisator behield het gezag in de Westelijke Sahara, maar i
n 1974 gaf Spanje toch aan dat het dacht aan het opgeven van het gebied. Dat was eigenlijk enigszins opvallend. De Westelijke Sahara was lange tijd beschouwd als een waardeloos stuk woestijn, maar in 1970 waren bij Boukra enorme voorraden fosfaat aangetroffen en vervolgens in productie gebracht. Bovendien lagen voor de kust zeer rijke visgronden.
Het was niet verwonderlijk dat Koning Hassan II onmiddellijk na dit signaal aan het Internationaal Gerechtshof in Den Haag een uitspraak vroeg over het standpunt van Marokko aanspraken op de Westelijke Sahara te hebben. Basis daarvoor was in de ogen van Marokko dat vroeger het gezag van de sultan van Marokko tot aan Timboektoe en de Senegal‑rivier reikte. Om diezelfde reden was er in 1963 ook met Algerije oorlog gevoerd om het gebied ten zuiden van de Wadi Dra (Tindouf) en had Marokko de republiek MauritaniŽ niet erkend. Beide gebieden behoorden volgens Hassan II tot Groot‑Marokko. Om de aanspraken op de Westelijke Sahara veilig te stellen legde Marokko zich in 1970 neer bij het bestaan van MauritaniŽ en sloot het in 1972 een grensverdrag met Algerije.

Het Internationaal Gerechtshof deed in de loop van 1975 uitspraak: het Hof erkende dat er al vůůr de Spaanse kolonisatie banden hadden bestaan tussen de Westelijke Sahara enerzijds en Marokko en MauritaniŽ anderzijds, maar aan de andere kant hadden beide staten nooit daadwerkelijk gezag over het gebied uitgeoefend. Het hof kwam tot de conclusie dat de Westelijke Sahara gedekoloniseerd diende te worden, waarbij het zelfbeschikkingsrecht van de lokale bevolking voorop diende te staan.

Koning Hassan II legde de dubbelzinnige uitspraak in zijn voordeel uit: het Hof had de Marokkaanse claim bevestigd dat er historische banden tussen de sultan en de Westelijke Sahara hadden bestaan. In zijn ogen rechtvaardigden deze banden een aanspraak op het gebied. De afkondiging kort na de uitspraak van het Hof van het zelfbeschikkingsrecht van de inwoners van de Westelijke Sahara door de Verenigde Naties had volgens Hassan dan ook geen enkele waarde.

Marokko was overigens niet de enige belangstellende voor het gebied.
In 1973 was het Frente Popular para la Liberaciůn de Saguia el‑Hamra y Rio de Oro ‑kortweg Polisario‑ opgericht, dat een gewapende strijd voerde tegen de Spaanse bezetter voor onafhankelijkheid van de Westelijke Sahara. De beweging wilde een eigen staat creŽren voor de oorspronkelijke bevolking van het gebied, veelal aangeduid als de Sahrawi. Bovendien maakte ook buurland MauritaniŽ aanspraak op de woestijnregio.

Met zijn standpunten voerde de koning Hassan II de nationalistische gevoelens in Marokko op tot ongekende proporties. In november 1975 organiseerde hij de zogenoemde Groene Mars, waarbij 350.000 Marokkanen naar de Westelijke Sahara werden gezonden om het gebied massaal en vreedzaam voor Marokko in bezit te nemen. De actie was bedoeld om Spanje onder druk te zetten. En dat lukte. Aangenomen mag worden dat dit kwam omdat de aandacht van Spanje in het bijzonder op eigen land was gevestigd doordat dictator Franco op sterven lag. Spanje wilde -naast het gewapende conflict met Polisario‑ geen oorlog met Marokko en MauritaniŽ riskeren over een kolonie die men toch al op het punt stond te verlaten.

zand, zand en nogeens zand

Op 14 november 1975 werd het Akkoord van Madrid gesloten, waarbij tweederde van de Westelijke Sahara onder Marokkaans gezag werd gebracht; de rest van het grondgebied kwam onder bestuur van MauritaniŽ. Als tegenprestatie kreeg Spanje een voorkeursbehandeling bij de exploitatie van de viswateren voor de Marokkaanse kust.

De daaropvolgende annexatie van de Westelijke Sahara door Marokko en MauritaniŽ deed een felle strijd met Polisario ontbranden. De strijd tegen de bevrijdingsbeweging had grote negatieve economische en sociale gevolgen voor MauritaniŽ: het land kwam aan de rand van een financiŽle instorting te staan en er dreigde een burgeroorlog. MauritaniŽ gaf in 1979 daarom alle aanspraken op de Westelijke Sahara op.

Door binnenlandse problemen boette de Saharakwestie aan belang in bij Algerije. Daardoor kreeg Marokko vrij spel om de Westelijke Sahara volledig te integreren in het koninkrijk: een omvangrijk staand leger, forse economische investeringen en vestigingspremies voor Marokkanen werden ingezet om de regio tot een volwaardige Marokkaanse provincie om te vormen.

Hoewel de Westelijke Sahara eind 1975 door Marokko werd geannexeerd en grotendeels als deel van zijn eigen territorium wordt bestuurd, erkennen nu nog 43 landen de Arabische Democratische Republiek Sahara (ADRS) als soevereine overheid van het land. Deze republiek is zelfs lid van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid en tegenwoordig van de Afrikaanse Unie. Marokko is sinds 1984 geen lid meer van deze organisatie nadat de Organisatie van Afrikaanse Eenheid de Westelijke Sahara erkent als onafhankelijk land. Geen enkele staat ter wereld erkent de annexatie van de Westelijke Sahara door Marokko na zijn onafhankelijkheid van Spanje. Sommige landen, zoals Frankrijk en ook Nederland, erkennen de Westelijke Sahara nog niet als onafhankelijke staat.

De keuze tussen totale onafhankelijkheid van de Westelijke Sahara enerzijds, waarbij een nieuwe staat op de kaart wordt gezet, en integratie met het koninkrijk Marokko anderzijds kan in dit politieke conflict maar niet worden gemaakt. Dit ondanks de inspanningen van de speciale VN‑gezanten als James Baker, Alvaro De Soto en de Nederlandse diplomaat Van Walsum.

eenzame brommer