Shwe-zigon Paya
De
Shwe‑zigon‑Paya in Bagan is het prototype van een Birmaanse pagode
of stupa.
De bouw ervan is voltooid in 1113. Omdat in de pagode het borstbeen en een
replica van een tand van Boeddha uit Kandy (Sri Lanka)
schijnen te
worden bewaard, is dit één van de belangrijkste heilige plaatsen voor de
Birmaan.
De basis van de pagode wordt gevormd door 5 terrassen: 3 vierkante,
met daarop 2 ronde. Op de 4 hoeken van de vierkante terrassen staan
kleine pagodes. In die pagodes staan 4 m hoge boeddhabeelden in Gupta‑stijl.
Geëmailleerde plaketten in de basis van alle terrassen vertellen over de vorige
levens van Boeddha Gautama. Pal voor de zuid‑oosthoek van de pagode
staan in een kleine ruimte de 37 nats (voorouderfiguren), die vroeger
verspreid over de terrassen stonden. Zij vormen het gehele Birmaanse pantheon
van heidense goden. De oorspronkelijke bedoeling van de plaatsing van de nats op
de terrassen was ze onderdeel te laten zijn van de pagode om zodoende de
overgang van het animisme naar het boeddhisme voor de bevolking te
vergemakkelijken.
Een leuke bijzonderheid: aan de oostzijde van de pagode ligt een platte steen
waarin een kleine ronde inkerving is gemaakt. Steeds als er vroeger een koning
naar de pagode kwam werd de inkerving met water gevuld. Via de weerspiegeling
kon de koning dan gemakkelijk de hti zien. De hti is de uiterste top van de
pagode. Hij is bezet met edelstenen, geschonken door achtereenvolgende
machtshebbers. Zonder het hulpmiddel van de steen zou de koning om de hti te
kunnen zien zijn hoofd ver achterover moeten houden en daarmee het gevaar lopen
dat zijn kroon afvalt.