|
STONEHENGE |
Stonehenge is
een megalithisch monument uit de Jonge Steentijd, dicht bij de plaats Amesbury
in het Engelse graafschap Wiltshire en ongeveer 13 km ten noordwesten van
Salisbury op de Salisbury Plain. De recentste datering voor de bouw van
Stonehenge is bepaald op 2300 v. Chr..
Het monument bestaat uit een aarden wal rondom een cirkelvormig arrangement van
grote, rudimentair bewerkte, staande stenen en is één van de beroemdste
prehistorische locaties op aarde. Hoewel het woord 'henge' wel onderdeel vormt
van de naam, is het geen echte henge.
Het bouwwerk plus omgeving zijn in 1986 toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van
UNESCO, tegelijk met het hengemonument van Avebury onder de inschrijving
Stonehenge, Avebury en bijbehorende plaatsen. Het is tevens een door de Britse
overheid bij wet beschermd antiek bouwwerk. Stonehenge zelf is eigendom van de
Kroon en wordt beheerd door de English Heritage-organisatie. De omliggende
landerijen zijn eigendom van de National Trust for Places of Historic Interest,
in het Verenigd Koninkrijk algemeen bekend als de National Trust.
|
|
|
luchtopname Stonehenge |
Een henge is
een rond of ovaal type neolithisch aardwerk bestaande uit een wal en greppel met
één of meer doorgangen. De meeste exemplaren zijn bekend uit Groot-Brittannië.
Het boek Stonehenge Complete van Christopher Chippindale zegt dat de naam
Stonehenge komt van de oud-Engelse woorden ‘stān’ wat steen betekent en ‘hencg’,
wat overeenkomt met het Engelse ‘hinge’, of scharnier, verbinding (omdat de
stenen liggers verbonden zijn met de opstaande stenen). Een andere mogelijkheid
voor de betekenis van het ‘henge’ gedeelte is het oud-Engelse ‘hen(c)en’ wat
hangen of galg betekent. Middeleeuwse galgen hadden vaak de structuur van de
staande stenen verbonden door een horizontale balk zoals bij Stonehenge. Eerder
dan de omgekeerde L-vorm die later meer in gebruik was.
Het ‘henge’ achtervoegsel wordt bij uitbreiding gebruikt voor monumenten uit de
prehistorie met een cirkelvormige structuur zoals bij Stonehenge. Archeologen
definiëren een ‘henge’ als een structuur bestaande uit een cirkelvormige verhoogde
afsluiting met een interne gracht. Hierop is Stonehenge een uitzondering omdat
de gracht zich buiten de afsluiting bevindt. Stonehenge is in dezelfde tijd
gebouwd als andere ‘henges’ uit het Neolithicum. Toch is het in veel opzichten
atypisch en alleen qua vorm verwant met andere steencirkels.
|
|
Het Stonehenge-complex werd gebouwd in verschillende fases die samen minstens 3.000 jaar overspannen. Er zijn bewijzen voor activiteiten voor en na de eigenlijke bouwfases, waardoor de tijdspanne van ‘gebruik’ van het monument kan worden geraamd op 6.500 jaar.
De tijd voor
het monument (8000 v. Chr.)
Er zijn 4 (misschien 5) paalkuilen gevonden onder de huidige
toeristenparkeerplaats bij de site. Die konden gedateerd worden tot rond de
8.000 jaar v. Chr..
Stonehenge 1
(ongeveer 3100 v. Chr.)
Het eerste monument bestond uit een cirkelvormige verhoging met een gracht van
110 m diameter in het open grasland. Er was een grote ingang in het noordoosten
(zoals de huidige) en een kleinere in het zuiden. De bouwers plaatsten de
beenderen van herten en runderen en een paar vuurstenen werktuigen in de bodem
van de gracht. De beenderen waren veel ouder dan de geweien die gebruikt werden
om de gracht te graven en de mensen die ze begroeven, hadden ze blijkbaar een
hele tijd bewaard voor ze begraven werden. De kalk die uit de gracht werd
gegraven, werd gebruikt om de verhoging te construeren. In de buitenste rand
werden ook 56 putten gevonden waarin mogelijk palen zaten.
Stonehenge 2
(ongeveer 3000 v. Chr.)
Zichtbaar bewijs van de 2e fase is er niet langer. Uit het aantal paalkuilen die
uit deze periode stammen kon men opmaken dat er binnen de afsluiting een houten
structuur gebouwd werd in het vroege 3e millennium v. Chr.. Meerdere staande
palen werden geplaatst aan de noordoost ingang en ook aan de zuidelijke ingang.
De paalkuilen waren hier kleiner dan die van Stonehenge 1 (ongeveer 40 cm). De
grotere kuilen van de vorige fase werden meer en meer als begraafplaats
gebruikt. Ook de gracht werd als begraafplaats van assen na een crematie
gebruikt. Minstens 30 verschillende crematies werden zo gevonden. Hierdoor wordt
Stonehenge meer en meer geïnterpreteerd als een crematie- en begraafplaats, de
oudst bekende in het Verenigd Koninkrijk. Er werden ook fragmenten van
onverbrande menselijke beenderen gevonden in de gracht. De gevonden potscherven
in de onmiddellijke buurt droegen bij tot datering.
|
|
|
de zon op Stonehenge om 10:00 uur |
Stonehenge 3 I
(ongeveer 2600 v. Chr.)
Opgravingen toonden aan dat rond 2600 v. Chr. het bouwen met hout werd verlaten
ten gunste van steen. In het centrum van de site werden gaten gevonden in de
vorm van 2 concentrische open cirkels. Dat zijn de zogenoemde Q en R-gaten. De
gaten bevatten tot 80 staande stenen. Men dacht tot voor kort dat de stenen door
mensen vanuit Wales tot op de bouwplaats werden gebracht. Volgens een nieuwere
theorie zijn ze door gletsjers verplaatst. Andere staande stenen werden later
gebruikt als liggende steen. De 4 ton wegende stenen waren gehouwen uit gevlekte
doleriet uit het Ordovicium maar er waren er ook van ryoliet, tufsteen en
kalkhoudende lavasteen. Elke steen was 2 m hoog, 1 à 1,5 m breed en ongeveer
80 cm dik. De steen die bekend werd als de Altaarsteen kwam uit
South Pembrokeshire of Brecon Beacons en stond waarschijnlijk in het monument
opgesteld als alleenstaande grote monoliet.
De noordoostelijke ingang werd in deze periode verbreed waardoor hij juist in de richting van de midzomer zonneopkomst en de midwinter zonsondergang kwam. Ook werd de Hielsteen, een tertiaire zandsteen, waarschijnlijk in deze periode aan de noordoostelijke ingang geplaatst. Een precieze datering ervan is niet mogelijk. Van deze periode dateert ook de Avenue, een paar parallel liggende grachten dat 3 km loopt vertrekkend vanuit de noordoostelijke ingang.
|
|
|
Hielsteen (of Heel Stone, soms ook wel 'Friar's Heel' genoemd) |
Stonehenge 3 II
(2600 v. Chr. tot 2400 v. Chr.)
In de volgende belangrijke fase van bouwactiviteiten aan het eind van het
3e millennium v. Chr. werden 30 enorme sarsen-stenen uit het Oligoceen-Mioceen
naar de site gebracht. Bij het stapelen van de stenen werden
pen-en-gatverbindingen toegepast. De horizontale stenen die bovenop lagen werden
onderling verbonden door een messing-en-groefverbinding, ook een klassieke
houtbewerkingsverbinding. De stenen van 25 ton zwaar werden bewerkt met het
duidelijke idee in gedachten van de open cirkel. De liggende stenen waren
lichtjes gebogen. De staande stenen waren naar boven toe breder, om een effect
van hoogte te versterken. De binnenkanten van de stenen werden fijner bewerkt
dan de buitenkanten. Binnen de buitenste cirkel werden vijf trilithons geplaatst
in de vorm van een hoefijzer, met het open einde in de richting van het
noordoosten. Het waren gigantische stenen van 50 ton elk op dezelfde wijze met
elkaar verbonden als die van de buitenste cirkel. Van de grootste trilithon
staat er nog slechts één steen recht. Hij steekt 6,70 m boven de grond uit,
2,40 m is onder de grond.
De ingekerfde figuren van een ‘dolk’ en 14 ‘bijlhoofden’ werden gevonden op één van de sarsen-stenen. Nog meer bijlhoofden werden gevonden op 3 andere stenen. De afbeeldingen zijn morfologisch overeenkomstig de wapens van de Bronstijd. Die periode werd gedateerd aan de hand van koolstofdatering tussen 2600 en 2400 v. Chr.. In de onmiddellijke nabijheid van de site werden 2 graven ontdekt die van een iets latere tijd dateren. 3 km ten westen van Amesbury werd in 2002 de ‘Amesbury Archer’ gevonden, in 2003 de ‘Boscombe Bowmen’. De ‘Stonehenge Archer’ werd in 1978 al ontdekt in de buitenste gracht van het monument.
In deze periode werden, op 2 km van Stonehenge, een grote houten cirkel en een andere Avenue geconstrueerd op de site Durrington Walls. De positionering tegenover de zonsondergang en zonsopkomst op Midzomer- en Midwinterdag is tegenovergesteld als bij Stonehenge zodat het niet onwaarschijnlijk is dat er processies waren van de ene cirkel naar de andere op de kortste en de langste dag van het jaar. Het lijkt er op dat de cirkel in Durrington daarbij gold als een land van de levenden, waarbij Stonehenge het land van de dood was.
Stonehenge 3 III
Later in de Bronstijd werden de blauwe stenen voor de eerste keer opnieuw
rechtgezet. Exacte gegevens ontbreken hierover nog steeds. De inkervingen tonen
aan dat de stenen mogelijk deel werden van een voor één stuk uit hout
opgetrokken structuur.
Stonehenge 3 IV
(2280 v. Chr. tot 1930 v. Chr.)
Er werden blauwe stenen herschikt tot een ovale structuur in het centrum. De
Altaarsteen werd mogelijk rechtop geplaatst. De nieuwere constructies waren
minder grondig in de bodem verankerd waardoor sommige stenen in deze periode
begonnen over te hellen. Na deze periode werden nog slechts kleine aanpassingen
aan het monument gedaan.
|
|
|
links
op voorgrond een draagsteen -met bovenop een uitstulping- van een grote
trilithon |
Stonehenge 3 V (1930 v. Chr. tot 1600 v. Chr.)
Kort daarna werd de noordoostelijke sectie van de cirkel uit de fase 3 V
verwijderd waardoor de vorm van de centrale sarsens gespiegeld werd. Uit deze
periode stamt ook Seahenge uit Norfolk.
Na het monument
(vanaf 1600 v. Chr.)
De periode waarin het monument voor het laatst werd gebruikt is de IJzertijd.
Binnen en buiten het monument werden Romeinse en middeleeuwse munten en
artefacten opgegraven maar het is niet bekend of de site op dat moment nog een
echte functie had.