Dag 7. Dinsdag, 12 februari 2013
Tempel van Karnak en Luxor Museum
We ontbijten om 08.00 uur en een uur later vertrekken we naar de Tempel van Karnak. Gisterenavond waren we daar ook al. Nu schijnt de zon en zullen we het complex heel anders ervaren.
|
|
In de entreehal staat een grote
maquette van het tempelcomplex. Aan de hand daarvan geeft gids Michael weer een
uitgebreide toelichting. Daarna leidt hij ons rond over het complex en kunnen we
zelf ook nog rond kijken.
De wanden van de entreehal hangen vol foto's die de
reconstructie van de Karnaktempel in de periode 1926/54 in beeld brengen. In de
hal staat ook een treintje dat in 1934 werd gemaakt en dat in het laatste deel
van de reconstructieperiode
door de Franse egyptoloog Henri Chevrier werd gebruikt voor het transport op het
tempelterrein.
|
|
|
|
De eerste westerse bezoekers waren de soldaten van het expeditieleger van Napoleon die in 1799 arriveerden. De vele geleerden die het expeditieleger vergezelden, begonnen met de systematische opmeting van de tempel. In Description de l'Egypte -een boekwerk dat op bevel van Napoleon werd gepubliceerd- zijn prachtige litho's en etsen van de tempel opgenomen. In die tijd kon men de hiëroglyfen nog niet lezen en wist men ook niets van de geschiedenis van de tempel. Pas in 1822 werd het hiëroglyfenschrift ontcijferd door Jean-François Champollion. Daarmee werd de moderne egyptologie geboren. In 1860 begon Auguste Mariëtte met het vrijmaken en restaureren van de tempel. In 1922 werd de restauratie verder afgewerkt door Henri Chevrier. Tot op dit moment is men nog aan het restaureren. Nu onder leiding van de egyptologen van het Oriental Institute Epigraphic Survey.
|
|
Over de Sfinxenallee gaan we naar het tempelcomplex. De 1e pyloon -122 m breed, 15 m dik en 43,5 m hoog- van farao Nectanebo I werd niet voltooid als gevolg van het overlijden van de farao.
|
|
Direct achter de 1e pyloon liggen nog de resten van een oude stenen trap die werd gebruikt door de arbeiders die de pyloon maakten.
|
|
Voor de hypostyle zaal staat een dubbelbeeld. We kunnen er niet achter komen wie het betreft.
|
|
We lopen verder naar de hypostyle zaal. Tussen 1870 en 1903 zag die er toch anders uit dan nu.
|
|
|
|
|
|
Hier en daar zien we op hoogte projectoren voor de Sound & Light Show.
|
|
Osirisbeelden zie je om de haverklap.
|
|
Het Heilige meer symboliseerde het oerwater of Noen; daaruit werd volgens de mythen de wereld geschapen. Het water is afkomstig uit de Nijl en speelde een rol in de rituelen die de priesters uitvoerden. Vlakbij het meer ligt de punt van de obelisk van Hatsjepsoet die is omgevallen en daarbij is gebroken. Op die punt staat een afbeelding de god Amon-Re die zijn handen legt op het hoofd en de schouder van de geknielde farao Hatsjepsoet
|
|
|
|
|
|
Bij het Heilige meer hebben we ook goed zicht op de obelisk van Hatsjepsoet en die van Thoetmosis I.
|
|
![]() |
We herkennen tijdens onze rondgang over het complex op een binnenwand van de grote zuilenzaal van de Amon-tempel een bark van Amon. De voor- en achterplecht zijn kenmerkend versierd met ramskoppen met een zonneschijf op de kop.
|
|
We zien ook vele, vele muurdecoraties die weliswaar schitterend zijn, maar die ons helaas niets bijzonders zeggen.
|
|
Om 11.25 uur gaan we naar een Papyrus Gallery. We worden er ontvangen met een glas karkade. We krijgen een demonstratie papyrus maken. Niet zo bijzonder voor ons, want Els heeft van 4 november 1982 tot 4 april 1983 in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden tijdens de tentoonstelling 'Van bies tot boekrol' dagelijks zelf zo'n demonstratie gegeven.
|
|
De papyrusplant was in het Oude Egypte een heilige plant: een doorgesneden
onderkant van de stengel heeft de vorm van een piramide en als je in de bloem
kijkt geeft dat een beeld van de zon met daar omheen zijn stralen. Het
Re-symbool dus.
Na de demonstratie is er gelegenheid handgeschilderde papyri te kopen.
|
|
|
|
We lopen nog even het straatje naast de Papyrus Gallery in.
|
|
Om 12.10 uur rijden we naar de M/S Nil Marquise. Op onze bedden liggen nu prachtig van onze badhanddoeken gevouwen zwanen.
|
|
We frissen ons lekker op en zitten nog een half uurtje op het zonnedek. Daarna gaan we op ons gemak lunchen.
Om 14.30 uur rijden we met een
grote, hoge taxi naar het Luxor museum. We krijgen daar een uur de tijd om
rustig rond te kijken. De chauffeur wacht daar op ons en brengt ons dan terug.
Op ons verzoek heeft gids Michael dat voor ons geregeld.
Het
Luxor Museum staat aan de Corniche, tussen de tempels van Luxor en Karnak
in. Op weg erheen komen we langs het Winter Palace. Wéér zien we het New Winter Pallace
waar we in 1980 logeerden niet. We vragen het de chauffeur. Hij weet te
vertellen dat het hotel -daterend van 1975- in 2008 werd afgebroken.
De toegang tot het Luxor Museum blijkt alleen met Egyptische ponden te kunnen worden
betaald. Men verwijst ons naar de dichtstbijzijnde bank. We voelen er niets voor
daar naartoe te gaan. Een krantenverkoper bij het museum wil ons wel helpen.
Maar hij vraagt een veel te hoge koers. Dus eerst flink onderhandelen. We zijn
wel wat te duur uit, maar het scheelt ons in elk geval een flink stuk lopen
naar de bank (heen en terug).
|
|
Het Luxor Museum is een ontwerp van de Egyptische architect Dr. Mahmoud al-Hakim. Het opende in 1975 zijn deuren.
|
|
In de tuin van het museum staan 3 beelden.
|
|
|
|
![]() |
Het museum heeft 2 verdiepingen
die via een hellingbaan met elkaar zijn verbonden en een souterrain. In 2004 is
het museum uitgebreid waardoor de 2 koninklijke mummies die het museum bezit een
mooie ‘rustplaats’ hebben gekregen. De ene mummie is die van Ahmose I, de
eerste koning van de 18e dynastie, de ander is -men is daarover trouwens
niet 100% zeker- de uit Amerika teruggekeerde mummie van Ramses I, de stichter
van de 19e dynastie.
In de filmzaal wordt de film -van National Geographic- The Golden Age of Thebes
vertoond.
Het Luxor Museum blinkt uit door de bijzonder fraaie inrichting en de hoge
kwaliteit van het tentoongestelde, dat bovendien ook is voorzien van een
duidelijke uitleg. Veel van de tentoongestelde beelden en voorwerpen zijn
gevonden in en rondom Thebe.
Eerst kijken we naar de introductiefilm. Dan bekijken we uitgebreid de museumcollectie. Die bestaat uit grote en kleine granieten, albasten en bronzen standbeelden en hoofden van farao's en schrijvers, muurdecoraties, stèles, mummies en coffins, meubilair, handbogen van farao's en sieraden en munten. We zien een gouden halsketting met daaraan gouden bijen. De bij is in veel geloven en bij veel volkeren een belangrijk diertje. Bij de Egyptenaren waren bijen 'levengevers'; vandaar dat zij symbool stonden voor geboorte, dood en wederopstanding; de tranen van de Zonnegod Re, die op de aarde terechtkwamen, veranderden in werkbijen.
|
|
![]() |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Op het zonnedek maken we nog het staartje van de tea time mee.
Om 19.30 uur is er in de bar een
informatiebijeenkomst met betrekking tot het vertrek morgen. Alles blijkt weer
tot in de puntjes verzorgd. Het enige wat we hoeven te doen is de koffers op de
gang zetten en de tijd in de gaten houden. Makkelijker kan toch niet.
Nadat we onze rekening hebben betaald, krijgen we later op de avond onze paspoorten en onze
tickets voor de terugvlucht die we op de eerste dag moesten inleveren terug.
Om 20.00 uur is het diner.