Lepcis Magna

Ruim 120 km ten oosten van Tripoli ligt misschien wel de bestbewaarde Romeinse stad ter wereld.

Leptis Magna -of, beter: Lepcis Magna- was een Fenicisch-Romeinse stad in Noord-Afrika, in het huidige Libië.
De spelling Leptis Magna -Leptis met een t dus- is gebaseerd op een handgeschreven tekst over de Jugurthijnse Oorlog van de Romeinse geschiedschrijver Gaius Sallustius Crispus (86-34 v.Chr.). Die schrijfwijze wordt vrijwel algemeen gebruikt. Maar Fenische munten en Latijnse inscripties laten er geen enkele twijfel over bestaan dat de stad Lepcis -niet met een t, maar met een c- heette. De toevoeging Magna -Groot- dateert uit de 2e eeuw n.Chr. en vond plaats om de stad te onderscheiden van een eveneens Leptis geheten Fenicisch-Romeinse stad in Noord-Afrika, in het huidige Tunesië.

Lepcis Magna lag aan de Middellandse Zee en aan Wadi Lebda, enkele kilometers ten westen van de monding van Wadi Qaam. Het was de hoofdstad van Tripolitanië in de Romeinse provincie Africa. Tripolitanië was afgeleid van het Grieks treis poleis, wat "drie steden" betekent. Deze 3 steden, Sabratha, Oea en Lepcis Magna, waren de belangrijkste in het gebied.
Lepcis Magna zou zijn gesticht door Feniciërs -ondernemende zeevaarders uit het huidige Libanon
- rond de 11e, 10e eeuw v.Chr., maar werd hoogstwaarschijnlijk pas rond 600 v.Chr. een echte stad.

Lepcis Magna stond onder grote invloed van een andere grote Fenicische stad, Carthago. Na de verwoesting van Carthago bleef Lepcis Magna een belangrijke havenstad en kregen de Romeinen de controle over Noord-Afrika. Lepcis Magna bleef wel onafhankelijk, maar de stadsraad moest verantwoording afleggen aan de Romeinse Senaat.

Tijdens de oorlog tussen de Romeinen en Numidië, koos Tripoli de kant van de Romeinen en waren ze trouwe bondgenoten. Maar de 1e eeuw v.Chr. steunde de stad een opstand tegen Julius Caesar. Die sloeg de opstand neer en verplichtte Tripoli een boete te betalen van 3.000.000 liter olijfolie per jaar. De olijfolienijverheid zou altijd één van de belangrijkste blijven in het gebied. In 46 v.Chr. won Caesar de slag bij Thapsus en nam controle over Tripolitania. Hij werd verwelkomd in Lepcis Magna. Vanuit Lepcis Magna werd ook een vloot van Caesar gestuurd om te vechten tegen diens vijanden, de Pompeianen.

De stad kwam tot grote bloei onder de Romeinse keizers uit de 2e en 3e eeuw. Het is de geboorteplaats van Septimius Severus -in het jaar 146-, tijdens wiens regering (193-211) de stad met 70.000 inwoners de grootste in Noord-Afrika werd. Lepcis Magna werd het Afrikaanse Rome genoemd en had alle kenmerken van een Romeins stadplan. Op het kruispunt van de 2 belangrijkste straten staat een monumentale triomfboog ter ere van Septimius Severus. Er is een badhuis, een theater, een basilica en er waren thermen en straten met colonnades erlangs.

Helaas sleepte de val van het Romeinse rijk ook Lepcis Magna mee. In 455 viel de stad ten prooi aan de Vandalen. De stadsmuren werden gesloopt. Dat gaf Berbers in 523 alle gelegenheid om Leptis Magna te plunderen. In 533 werd Lepcis Magna veroverd door de Byzantijnen en werd een provinciehoofdstad in hun rijk. Er werd een kerk gebouwd, een vesting met een toren en een nieuw forum.
In 643 werd de stad veroverd en verwoest door de Arabieren. Lepcis Magna bereikte daarna nooit meer zijn oude glorie.

De stad werd in de 11e eeuw verlaten en kwam langzamerhand onder het zand te liggen. Daardoor is zij wel uitstekend bewaard gebleven.

Op de archeologische site hebben veel bouwwerken de tand des tijds doorstaan: de Severische triomfboog, de sportvelden, de baden van Hadrianus, het forum en de tempel. Hét monument van Leptis Magna is echter het theater. Het biedt een prachtig uitzicht op zee en stad. Het was een gift van een rijke burger aan de stad: Annobal Tapapius Rufus in het jaar 1. Vier decennia lang werden er delen aan het theater bijgebouwd of vernieuwd. Het complex werd ook gebruikt voor godsdienstige en officiële plechtigheden en speelde daarnaast een belangrijke rol in de keizerverering. Annobal Rufus vervulde ten tijde van keizer Augustus niet alleen functies in het stadsbestuur, maar oefende tevens een priesterrol uit.
Zes km buiten de site ligt een grote arena en het hippodroom, waar de paardenrennen plaatsvonden.
In 2005 ontdekten Duitse wetenschappers in een badhuis kleurrijke mozaïeken uit de 1e en 2e eeuw n.Chr. Die mozaïeken maken nu deel uit van de collectie van het Leptis Magnamuseum dat ook op de site is gevestigd. Onder de mozaïeken is een afbeelding van een vermoeide gladiator. Dat mozaïek wordt als één van de meesterwerken van de Romeinse mozaïekkunst beschouwd.