Dag 5. Vrijdag,
28 oktober 2011
Museo Nacional del Prado -
Catedral de la Almudena -
Palacio Real
We hebben voor vandaag alleen het
Prado op het programma staan. Hoelang we daar zullen blijven, weten we niet. Er
is immers zoveel te zien. De vraag is eigenlijk alleen: hoeveel kunnen we
vandaag na de musea van de afgelopen dagen nog in ons opnemen?
Omdat er geen standaardroute door het museum
is, hebben we thuis al uitgezocht wat we beslist willen zien. En we zijn ons
ervan bewust dat tijdens onze zoektocht naar die werken, we ook nog wel het een
en ander aan moois zullen zien.
Om 08.30 uur gaan we weg. Als we
bij het Prado zijn, schijnt de zon al volop.
Aan de kassa staat er slechts één persoon voor ons. Ook groepen zijn er (nog)
niet. Het gereduceerde tarief voor ons bedraagt € 5 pp.
|
|
|
|
Het Prado is één van de bekendste musea ter wereld en heeft één van de mooiste kunstcollecties in Europa. Het Prado werd eind 18e eeuw in neoklassieke stijl gebouwd door Juan de Villanueva. Het gebouw was in eerste instantie bedoeld als natuurhistorisch museum, maar Fernando VII besloot de uitgebreide collectie schilderijen van de Spaanse koningen sinds Karel V erin onder te brengen, en als zodanig werd het museum op 19 november 1819 geopend. Het Prado bezit ruim 7.500 doeken, waarvan er 1.100 permanent worden getoond. De collectie bestaat uit Spaanse, Italiaanse, Vlaamse, Hollandse, Duitse en Franse schilderkunst uit de 14e-20e eeuw, waarbij de Spaanse schilderkunst van de gouden eeuw (16e-17e eeuw) de meest prominente plaats inneemt.
|
|
De collectie van de grote
meesters Francisco Goya, Diego Velázquez en El Greco, de bijnaam van de Griek
Domenikos Theotokopoulos, is indrukwekkend. Vooral van Goya is erg veel werk te
zien. Zijn vroege werk bestaat uit portretten van de familie van
koning Carlos IV. Goya had overigens niet veel op met het koningshuis, wat is
goed te zien aan de gezichten die hij schilderde: de geportretteerden zijn
onflatteus en zelfs met een wat dommige uitstraling vereeuwigd. De werken
'2 mei' en '3 mei' vormen zijn verslag van de opstand tegen de Fransen. Op het
eerste heeft Goya de opstand bij de Puerta del Sol geschilderd, op het tweede de
executies van de opstandelingen. In de laatste jaren van zijn leven werd Goya
doof en was hij erg eenzaam. Dat maakte hem uitermate depressief en dat is
duidelijk te zien in zijn werken uit die tijd.
Goya schilderde in 1860 De geklede en De naakte Maja. Het is jammer te moeten
constateren dat De geklede Maja zich nu in Tokio bevindt.
Het beroemdste werk van het Prado staat op naam van Velázquez: Las Meninas
-De Hofdames-, zo vaak het
‘mooiste schilderij ter wereld’ genoemd.
Van Rembrandt hangt er slechts één schilderij - Artemisia-, maar van de
surrealist Hiëronymus Bosch -El Bosco in het Spaans- gelukkig meerdere.
We gaan op zoek naar:
|
|
De droom van Jacob van
Jusepe de Ribera Het vroege werk van Ribera laat zich kenmerken door een dramatisch barok naturalisme, in donkere kleuren, met grote tegenstellingen tussen donker en licht. Jacob ligt te slapen, het is duidelijk buiten. Hij ligt tegen een boom. Het belangrijkst is, dat een zonnestraal direct uit de hemel op hem schijnt. Hij heeft dit alleen niet door, hij slaapt rustig door. |
|
|
De Triomf van Bacchus (1628)
van Velázquez In de Triomf van Bacchus legde Velázquez verband tussen de mythe en de alledaagse menselijkheid op het moment van feestvieren. |
|
|
|
|
Las Meninas van
Diego Velázquez Een zelfportret terwijl de schilder de koning en de koningin vereeuwigt. Dat koninklijke paar is te zien in de spiegel achter Velázquez. Het werk heeft in feite alles in zich: het een zelfportret van de schilder, een afbeelding van de koninklijke familie, een mooi spel tussen licht en donker en tegelijkertijd een beeld van het hofleven. Bovendien is het doek geweldig vakkundig geschilderd met oog voor detail en zonder te veel verheerlijking. Het is een puur beeld van het leven aan Spaanse hof zoals we dat maar weinig te zien krijgen. Picasso vond dit zelfs zo’n schitterend werk dat hij er enkele kopieën van heeft gemaakt. Het meisje in het midden, met de witte jurk, is Infanta Margarita. Oftewel: het kleine prinsesje Margarita. Ze was een Spaanse prinses en leefde van 1651 tot 1673. Op dit schilderij is ze 5 jaar oud. In dit schilderij speelt vooral het zichtpunt een belangrijke rol. Aan de linkerkant zie je Velázquez zelf met zijn schilderspalet voor een doek staan. Maar wie schildert hij? De bruidsmeisjes -Meninas- zoals op het schilderij waar we nu naar kijken, of wellicht de 2 figuren die we in de spiegel achter het prinsesje zien? Dat zijn koning Philip IV en koningin Mariana, de ouders van Infanta Margarita. Dit vraagstuk is één van de redenen waarom dit werk Velázquez’ meesterwerk is. |
|
|
Artemisia van Rembrandt Artemisia is een schilderij van Rembrandt, geschilderd in 1634. Het is het enige schilderij van hem dat in het Prado hangt. De originele grootte is 142 x 153 cm. Het onderwerp van het schilderij is niet bekend. Er is een jonge vrouw te zien, die wordt geïdentificeerd als Sophonisba of Artemis II van Carië, of een koningin vanwege haar juwelen en rijke kleding, die een beker krijgt van een vrouw. De beker zou de as van haar echtgenoot Maussollos bevatten, of in het geval van Sophonisba, het vergif dat haar doodde. Voor de vrouw in het schilderij gebruikte Rembrandt waarschijnlijk zijn vrouw Saskia als model. Linksachter Artemis staat een raadselachtige oude vrouw die in het donker op bezoek komt. In 1769 kwam het schilderij in handen van Carlos III. |
|
|
|
|
De Drie Gratiën van Rubens Drie -vermoedelijk jonge- vrouwen omhelzen elkaar verdacht speels in hun naaktheid. Hun donkerblonde, golvende haar verhult geen van de golvende vormen. De Rubensvrouw in volle glorie. Volgens Hesiod’s theogonie -Verklaring van de afstamming van de goden- waren er 3 Gratiën: Aglaia (Schittering), Euphrosine (Plezier) en Thalia (Bloemen). Ze zijn geboren uit één van Zeus’ affaires. De 3 Gratiën waren pure maagden die bij de goden leefden. Ze werden geserveerd aan banketten en waren er voor de “joie de vivre”. Ze dienden Aphrodite, de Godin van de liefde. Ze verveelden zich nooit. Rubens schildert ze naast een fontein, onder een bloemenkrans in een landschap. De linkse vrouw lijkt op zijn tweede echtgenote, Hélène. Het schilderij is wel lang voor zijn huwelijk gemaakt. Uiterlijk gezien is dit de ideale vrouw voor Rubens Het draagt een getuigenis van zijn vreugde en uit zich in sensualiteit. Het werk was van Rubens totdat hij stierf in 1640. Het schilderij werd geschonken aan Felipe IV die het heeft meegenomen naar Spanje. |
|
|
De Geklede en de Naakte Maja
van Francisco Goya Goya schilderde De geklede en De naakte Maja in 1860. Helaas hangt De geklede Maja nu in Tokio. De officiële benaming van de schilderijen zijn Maja Desnuda en Maja Vestida. Een letterlijke vertaling hiervan is Naakte Maja en Geklede Maja. Deze werken behoren tot de bekendste werken van Goya, omdat er iets ’verboden’ is aan deze werken. In die tijd was naakt ‘not done’. Er werd voor schilderijen waar een naakte persoon op stond een tweede versie gemaakt om het naakte te verbergen. Het werd boven de naakte versie gehangen. De schilderijen werden alleen in hun ware aard vertoond in een rijk gezelschap. Het was in feite de bedoeling dat de Vestida de andere zou verbergen. Men meende dat deze vrouw de hertogin van Alva zou zijn, maar er kan bijna met zekerheid worden gezegden dat deze identificatie onjuist is. |
|
|
De Zwarte schilderijen van
Goya De Zwarte Schilderijen is de naam die gegeven wordt aan een reeks van schilderijen van Francisco Goya. Hij maakte deze schilderijen aan het eind van zijn leven (1819-1823) in een periode waarin hij steeds meer last kreeg van slechthorendheid en depressies. De naam verwijst niet alleen naar de kleuren, of beter gezegd de kleurloosheid, van de schilderijen die vooral gemaakt zijn in de kleuren zwart, grijs en bruin, maar ook naar de terugkerende thema's. Veel van de doeken laten voorstellingen zien die te maken hebben met hekserij. Van het omvangrijke oeuvre van Goya worden 14 exemplaren tot de zwarte schilderijen gerekend. Er hangen er nu maar 3. Tijdens de gruwelen van de Napoleontische oorlogen die Spanje veel schade hebben toegebracht, raakte Goya verbitterd en begon hij zich meer en meer van de mensheid af te keren. Bovendien leefde hij in voortdurende angst om spoedig te sterven, hij had al tot 2 keer toe een zware ziekte overleefd en was erg bang voor een terugslag. De schilderijen zijn niet gemaakt voor een opdrachtgever, Goya was van plan om ze in zijn eigen huis te laten hangen en gaf ook geen namen aan de werken. De namen die tegenwoordig gebruikt worden zijn bedacht door kunsthistorici, daardoor komt het voor dat er voor één schilderij soms verschillende namen bestaan. |
|
|
Maria Boodschap van Fra
Angelico De meeste werken van Fra Angelico zijn te zien in Florence, dus het is bijzonder om buiten deze stad Angelico tegen te komen. Het doek is bovendien van uitmuntende kwaliteit. Bijzonder is de combinatie van twee bijbelse verhalen in één werk. Op de voorgrond zien we een engel de geboorte van Jezus aankondigen aan Maria, een voorstelling waar Fra Angelico talloze variaties op heeft gemaakt. Maar op de achtergrond zien we Adam en Eva weggestuurd worden uit het paradijs. Het is een mooi contrast tussen een afscheid van God en de aankondiging van de zoon van God op aarde. |
|
|
Zelfportret van Dürer In het zelfportret dat dateert uit 1498 zijn er typische kenmerken van een Renaissancekunstenaar waar te nemen. Het venster biedt aan de kijker een blik in het landschap wat zich over de Alpen uitstrekt. Dit lijkt een verwijzing naar zijn reis naar Italië in de herfst van 1494. Zijn kleding, in het bijzonder zijn witte leren handschoenen, duiden op een onbevuilde uitoefening van zijn werkzaamheden. Dürer geeft met zijn imponerende kleding aan wat zijn zelfperceptie was. Hij rekende zich niet tot de ambachtsklasse, hij was een erudiete kunstenaar. |
|
|
|
|
Tuin der Lusten van
Hiëronymus Bosch Hiëronymus Bosch werd ook wel Jheronimus, Joen of Jeroen genoemd. Het is vaak te zien dat Jeroen Bosch katholiek is doordat hij veel schilderijen heeft gemaakt met afbeeldingen van Jezus Christus. Alhoewel hij katholiek is spot hij vaak met het celibaat van de nonnen, monniken en priesters. Zij hielden zich er namelijk erg vaak niet aan. Het celibaat is het verbod op seks voor de rooms katholieke geestelijken. Dit verbod is gecreëerd voor de geestelijken opdat zij al hun tijd en aandacht aan God en het katholieke geloof zullen schenken. Dat is goed te zien op het schilderij ‘De tuin der lusten’, waar een abdis -het hoofd van een nonnenklooster- als een naakt varken is afgebeeld in de hel die zelfs in de hel de hoer speelt. |
|
|
|
|
Kinderen op het strand van Joaquίn Sorolla |
|
|
|
|
2 mei en 3 mei
1808 van Goya De Opstand -2 mei- en de Fusillade -3 mei- zijn 2 werken waarin Goya de meest heldhaftige daden en tonelen van de roemrijke Spaanse opstand tegen de dwingeland van Europa -Napoleon- wilde vereeuwigen. De Opstand, meedogenloos straatgevecht van de Madrilenen tegen de Mamelukken van Napoleon, is een prachtig schilderij, vol leven en beweging. Goya verheft zijn kleuren tot het uiterste door lichtgevende vlekken zoals bijvoorbeeld het groene kleurenspel op het witte paard van de Mameluk. De compositie toont 2 werelden, die elkaar razend bestrijden. De Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1808-1814) was een gewapend conflict tussen de Spanjaarden, Portugezen en Britten aan de ene kant en de Fransen onder Napoleon aan de andere kant. De oorlog hield het hele Iberisch Schiereiland in zijn greep en wordt in andere talen daarom ook wel de "oorlog van het schiereiland" genoemd. Troepen van Napoleon Bonaparte trokken in 1808 Spanje binnen met het excuus Portugal te willen bezetten. Dit bracht in heel Spanje veel verzet teweeg. De oorlog brak uit op 2 mei 1808. Na hevige gevechten door heel Spanje werd Napoleon uiteindelijk in 1814 in de Slag bij Leipzig verslagen, waarna hij werd verbannen naar het Italiaanse eiland Elba. |
|
|
Niet op ons zoeklijstje stonden onder meer:
|
|
De Overgave van Breda van
Diego Velázquez Dit schilderij maakt deel uit van een cyclus van 12 schilderijen die veldslagen uitbeelden, door verschillende schilders. Het belegerde Breda geeft na 12 maanden het beleg op. Het schilderij toont de overname-ceremonie van de sleutels van de stadspoorten door generaal Spinola. Hij ontvangt de sleutels van de gouverneur van Breda Justinus van Nassau, de onwettige zoon van Willem van Oranje. |
|
|
|
|
De Tafel van de Zeven
Hoofdzonden van Hiëronymus Bosch Hoofdzonde is een term die voornamelijk in de katholieke kerk wordt gebruikt. Het gaat hierbij om 7 zonden die elk aan de basis liggen van veel andere zonden. Ze werden als lijst in de 6e eeuw opgesteld door paus Gregorius I, maar zijn al in de 4e eeuw door geestelijken in een gesystematiseerd overzicht beschreven. In de bijbel zijn verschillende opsommingen van zonden te vinden, die echter niet overeenkomen met de lijst van de 7 hoofdzonden. Het begrip hoofdzonde wordt wel eens verward met het begrip doodzonde of zware zonde. De 7 hoofdzonden zijn: hoogmoed, hebzucht, onkuisheid, afgunst, onmatigheid, wraak en gemakzucht. |
|
|
De Edelman met de hand op de
borst van El Greco Wie deze persoon is, weet men niet met zekerheid. Men vermoedt over het algemeen dat het gaat om Juan de Silva, markies van Montemayor. De persoon draagt een zwart pak met een kanten kraag en manchetten. Daarbij heeft hij een zwaard. We kunnen hieruit opmaken dat het gaat om een rijke man. Het is één van de meesterstukken van de Spaanse Renaissance, één van de beste werken van Goya. Het portret is geschilderd tijdens zijn eerste jaren in Toledo. Het is een merkwaardig werk door de expressieve starende blik; de man kijkt direct naar de bezoekers. Het natuurlijke handgebaar maakt het werk nog extra speciaal. De houding van het rechterhand en de positie van de degen wijzen op de rituelen die verbonden zijn aan de eed van trouw. |
|
|
De geldwisselaar en zijn
vrouw en het Kabinet van een advocaat van Marinus Claeszoon van
Reymerswa(e)le. Marinus Claeszoon van Reymerswa(e)le was een kunstschilder die in Zeeland werkte van 1533-1545. Hij wordt ook wel Marinus de Seeu genoemd. Zijn naam is bekend van een klein aantal gesigneerde werken. Verder worden op stilistische gronden een groot aantal andere werken aan hem toegeschreven. Hij schilderde slechts een beperkt aantal thema's die verwant zijn aan die van Quinten Massys en vooral Albrecht Dürer: onder meer De geldwisselaar en zijn vrouw en Het kabinet van een advocaat. |
|
|
|
|
Om 12.45 uur gaan we terug naar
het hotel. We laten daar onze jassen en het merendeel van de spulletjes uit de
rugzak.
Met de groene metrolijn 5 gaan we weer naar station Ópera en vandaar lopen we
naar de Mercado de San Miguel. We eten er een hapje.
Dan gaan we naar Café Brewery Bringas en nemen er een Black and Tan. We krijgen er wat tapas
bij.
Uitgerust gaan we naar de Catedral de Santa María La Real de la Almudena. Een hele mond vol. Dat mag ook wel, want de bouw van deze neoclassicistische kathedraal duurde door politieke conflicten, oorlogen en geldtekort maar liefst 100 jaar! De plannen voor de kathedraal waren er al in de 16e eeuw, toen de hoofdstad van Spanje was verplaatst van Toledo naar Madrid. Het kwam in 1883 pas tot bouw van de kathedraal. Eerst in 1993 wijdde paus Johannes Paulus II die in. Het aparte aan de kathedraal is dat de buitenkant volledig in contrast staat met de binnenkant. Van buiten is hij namelijk neoclassicistisch, dus wat je van een kathedraal in Spanje gewend bent, maar van binnen bestaat de kathedraal uit moderne kunst en zelfs popart! Er is natuurlijk best wat tegenstand, want het wordt door sommige gezien als een bespotting van het geloof. De bronzen deuren van de kathedraal zijn werkelijk schitterend!
|
|
|
|
De Virgen de la Almudena is een
middeleeuws beeld van de Maagd Maria, de moeder van Jezus Christus. Ze is nu de
patroonheilige van Madrid.
Intrigerend, maar de naam is afgeleid van het Arabische woord al-Mudayna,
citadel.
In de 9e eeuw was het Iberisch Schiereiland grotendeels in bezit van de Moren.
De toenmalige emir van het Arabische rijk al-Andalus, Mohammed I van Córdoba,
liet in die periode een paleis bouwen op de plek waar tegenwoordig het
Palacio Real staat. Ook werd daar een kleine citadel -genaamd al-Mudayna- met
moskee gebouwd. Voorafgaand aan de verovering van Madrid aan het begin van de
8e eeuw door de oprukkende islamitische legers, verborgen de inwoners van Madrid
een Mariabeeld dat door de apostel Santiago naar Spanje was gebracht in de
stadsmuur. Toen Madrid in de 11e eeuw werd bevrijd, wist niemand meer waar het
beeld was verstopt. Maar toen viel de muur en werd het beeld ontdekt. Toen
koning Alfonso VI de tot de citadel behorende moskee omvormde tot kerk, werd die
vernoemd naar de Virgen de la Almudena : Almudena-kathedraal.
Ben je geïnteresseerd in een hymne aan de Virgen de la Almudena? Klik dan
hier.
|
|
|
|
|
|
|
|
Voor de Stiltekapel staat een
groot bord met de tekst dat fotograferen niet mag. Uit respect voor degenen die
er zijn om te bidden. Als wij er binnengaan is er echter niemand.
Alle muren zijn bedekt met schitterende mozaïeken.
|
|
Pal tegenover de kathedraal staat het Palacio Real. Tot onze verbazing staat er bij de kassa geen mens. Voor ons dus het moment bij uitstek om kaartjes te kopen. Het is pas 15.30 uur, dus tijd genoeg nog voor een bezoek. Het gereduceerde tarief voor ons is € 5 pp.
Het Palacio Real -koninklijk
paleis- is de officiële residentie van de Spaanse koninklijke familie. Hoewel
die er niet woont, maar in het Palacio de la Zarzuela, wordt het paleis nog
steeds gebruikt bij officiële ceremonies.
Het paleis dateert uit de 9e eeuw. Het was toentertijd een fort dat was gebouwd
door het islamitisch koninkrijk van Toledo. Dat fort werd onder meer gebruikt
door de koningen van Castilië en dus bood het ruimte voor de bouw van een
Alcázar in de 16e eeuw.
Een brand vernietigde de Alcázar en daarmee werd de koninklijke familie op de
kerstavond van 1734 dakloos. Koning Phillip V gaf meteen opdracht om een nieuw
paleis te bouwen op precies dezelfde plek. Het koninklijke paleis dat uit
de as herrees is het huidige paleis en is compleet van steen. Daardoor kan het
nooit meer door brand totaal worden verwoest. Het nieuwe paleis was in 1755
gereed en koning Carlos III nam in 1764 zijn intrek in het paleis.
Veel belangrijke staatsceremonies vinden er in het paleis plaats. Protocollen
vereisen dat het de plaats is voor het ontvangen van staatshoofden en het
verwelkomen van nieuwe ambassadeurs. Een goed voorbeeld van een officiële
ceremonie vond plaats in 1986 toen Spanje officieel lid werd van de
Europese Unie. De tekeningceremonie vond plaats in de troonzaal. Naast de vele
staatsfuncties worden de gebieden rondom het paleis ook gebruikt voor andere
doeleinden, zoals voor het jaarlijkse San Isidro Festival. Net als in Londen
vindt er ook in Madrid een wisselen van de wacht plaats. Dat gebeurt op het
plein van het paleis op elke eerste woensdag van de maand.
|
|
Het centrale gedeelte van het
paleis is opgetrokken in de 18e-eeuwse barokstijl en verfraaid met
2 neoklassieke vleugels die het Wapenplein -Plaza de la Armería- omzomen.
Vanaf dat plein heb je een mooi uitzicht over Madrid.
De route leidt eerst naar de koninklijke apotheek, opgericht door Filips II
in 1594. Hij bestaat uit een doolhof van kamers met allemaal ladekasten, van
kroontjes voorziene karaffen, flessen en aardewerken potten
waarop de namen van dranken en geneeskrachtige kruiden zijn aangegeven, en met
weegschaaltjes. Foto's van alle apothekers hangen er. Ze waren allemaal dokter.
Er is ook een chemisch laboratorium. Het glaswerk is zonder uitzondering gemaakt
in de koninklijke glasfabriek.
De statietrap van Toledomarmer geeft met het koninklijk wapen op een gobelin een
voorproefje van al het koninklijke dat nog volgt.
|
|
|
|
|
|
We komen eerst in de Salón de los Alabarderos -de Hellebaardiershal- die met wandtapijten en muurschilderingen is versierd. De Hellebaardiers vormden de Royal Guard. Via de Salón de Columnas -de Zuilenzaal- komen we in de Salón del Trono -de Troonzaal- in rococostijl. Er staan 2 stevige en dik beklede zetels op een verhoging. Of de huidige koning Juan Carlos hier nog ooit belangrijke staatsdecreten zal ondertekenen, weten we niet. De zaal is ingericht met 2 bergkristallen kroonluchters en veel kandelabers en spiegels. Het behang is van karmozijnfluweel met goudborduursel. Daarna komen we in 3 kleinere zalen die genoemd zijn naar hun decorateur Mattia Gasparini: de kleedkamer, de antichambre en de eetkamer -wel wat eenzaam, want voor de koningin was er een aparte eetkamer- met een zijden wandbekleding die met koord is opgewerkt.
|
|
Een kleine kamer -de
Tranvía de Carlos III- leidt naar de slaapkamer van Carlos III. In de barokke
Sala de Porcelana -Porseleinzaal- zijn de muren en het plafond ingelegd met porseleinen
motiefjes. De Salita Amarilla -de Gele Zaal- zo genoemd vanwege de wandkleden-
leidt naar de Eetzaal..
De Comedor del Gala -de Gala-eetzaal- heeft een oppervlakte van 400 m2. Rond de
tafel is plaats voor 160 gasten. De wandtapijten zijn van wol, zijde en goud. De
plafondschildering is van Velázquez.
|
|
In de Cinema Salon de Cine keek
de koninklijke familie altijd naar films. Vandaar de naam. We lopen vervolgens
door de Sala de la Plata -de Zilverzaal- met 17e tot 19e-eeuws zilverwerk en de
Crockery and Crystal Room.
De in 1749-1757 gebouwde kapel is uitgevoerd in neo-klassieke stijl. Rondom het
schip staan zwarte zuilen. De kapel wordt nog steeds gebruikt voor kerkdiensten.
Vooral de koepel is erg mooi. Naast de kapel is de Reliquary.
In de Antechamber of Queen Maria Christina
-de Stradivarius Room- is een koninklijke collectie van groot
historisch belang tentoongesteld:
's werelds enige
complete Stradivarius strijkkwintet: 2 violen, 2 altviolen en een cello.
|
|
Dan komen we door de zitkamers
van María Cristina: de Billiard Room, de Smoking Room, de Stucco Room en de
Indies Wood Room. Deze 4 neogotische ruimten zijn allemaal raamloos.
Over de Plaza de la Armería lopen we naar de Armería Real, het koninklijk
Wapenmuseum. Het museum heeft
een indrukwekkende verzameling middeleeuwse wapens, speren, wapenuitrustingen en
harnassen voor paarden, zelfs een klein harnas voor een regimentshond. Ook
kinderharnassen ontbreken niet. Er zijn ook schitterende zadels tentoongesteld.
Het topstuk van het museum is het harnas van koning Carlos V. Er hangen ook
gobelins met oorlogstaferelen en schilderijen van Goya, Velázquez en Caravaggio.
Het is jammer dat de toelichtende teksten alleen in het Spaans zijn gesteld.
|
|
Om 18.00 uur zijn we uitgekeken
en lopen we op ons gemak over de Calle Mayo naar Café Brewery Bringas. We gaan
er eens uitgebreid zitten. De Black and Tan en de tapas laten we ons goed
smaken.
Rond 20.00 uur vinden we het genoeg voor vandaag. We lopen rustig naar
metrostation Ópera en gaan vandaar terug naar het hotel.