Dag 11. Maandag
17 september 2012
South
Queensferry / Edinburgh (Schotland
Aankomst
South Queensferry : 10.00 uur
Afstand South Queensferry-Newcastle upon Tyne:
107 zeemijl
Vertrek South Queensferry: 18.00 uur - Aankomst Newcastle upon Tyne:
08.00 uur
Tussen Helgoland en South Queensferry moet 's nachts de klok 1 uur worden teruggezet.
De langere nacht en een rustige
zee heeft ons goed gedaan. We zijn weer opgeknapt.
Na het ontbijt zien we vanaf dek 12 hoe we over de Firth of Forth
het plaatsje South Queensferry naderen. Een 2-tal loodsboten begeleidt ons.
De Firth of Forth is het estuarium of firth van de Schotse rivier de Forth. Het
water ligt ten noorden van de hoofdstad Edinburgh. Het estuarium wordt
overspannen door een tolbrug voor autoverkeer -de Forth Road Bridge- en de
beroemde Forth Rail Bridge, een spoorbrug van 2,46 km lang. De meer landinwaarts
gelegen Kincardine Bridge wordt als het begin van het estuarium gezien. Langs
het water liggen veel steden die scheepvaartindustrie hebben en petrochemische
industrie vanwege de goede verbinding met de booreilanden op de Noordzee. In het
estuarium ligt een aantal eilanden, waarvan het vogelreservaat Bass Rock
waarschijnlijk het bekendst is.
South Queensferry was in de 13e
eeuw een Burgh en werd in 1636 een Royal Burgh. Een burgh is een aanduiding voor
een type plaats in Schotland. De term is al in gebruik sinds de 12e eeuw.
Oorspronkelijk had de verlening van de status burgh politieke consequenties,
enigszins vergelijkbaar, maar zeker niet identiek, met het verlenen van
stadsrechten in andere landen. De burghs hadden bijvoorbeeld het recht op
vertegenwoordiging in het parlement van Schotland. Tegenwoordig is de aanduiding
alleen nog van ceremoniële waarde.
In 1975 kwam door de Local Government (Scotland) Act een eind aan de Royal Burgh
status van South Queensferry en werden administratie en bestuur aan de
City of Edinburgh District Council overgedragen.
De Schots-Gaelische naam van South Queensferry is Cas Chaolais en betekent
‘schuin aflopende straten’.
South Queensferry ligt ongeveer 16 km ten noordwesten van het stadscentrum van
Edinburgh, aan de kust van de Firth of Forth tussen de Forth Bridge en de Forth
Road Bridge. Er wonen zo’n 12.000 mensen.
In 2007 is in South Queensferry
tijdens routinewerkzaamheden voor een bestemmingsplanwijziging bewijs gevonden
van een nederzetting uit de Bronstijd .
De stad heeft haar naam te danken aan de Angelsaksische koningin Margaret van
Schotland, de vrouw van koning Malcolm III van Schotland die verzekerd wilde
zijn van een regelmatige veerpontdienst over de Firth of Forth ten behoeve van
de pelgrims, die naar St. Andrews reisden. St. Andrews was de kerkelijke
hoofdstad van Schotland. Margaret gebruikte zelf de Queen’s Ferry om van de
toenmalige hoofdstad Dunfermline Edinburgh Castle -de belangrijkste
residentie van Malcolm III- te bezoeken. Na haar overlijden in 1093 maakte zij haar
laatste reis met de Queen's Ferry naar de door haar gestichte Dunfermline Abdij.
Haar zoon, David I van Schotland, gunde de ferryrechten daarna aan dezelfde
abdij. De ferry heeft dienstgedaan tot 1964 toen de Forth Road Bridge werd
geopend. Nog steeds varen veerboten vanaf South Queensferry naar eilanden in de
Firth of Forth waaronder Inchcolm.
Margaret hervormde de kerk van
Schotland en werd in 1249 heilig verklaard.
Vóór de
Forth Rail Bridge gaan we voor anker. Het wordt dus tenderen naar het haventje
van South Queensferry. Een nieuwe ervaring voor ons.
Zowel aan bakboord als aan stuurboord worden 2 tenders langszij gelaten. Aan
bakboord bovendien een trap. Leuk om zoiets te zien. Als tender biedt een boot
plaats aan 120 personen, als hij als lifeboat moet worden ingezet aan
150 personen
We hebben niet de bedoeling
vandaag naar Edinburgh-centrum te gaan. We zijn daar immers in 2010 tijdens een
stedentrip al eens geweest. Eigenlijk willen we graag naar Her Majesty's Yacht
Britannia, een voormalig jacht van de Britse koninklijke familie. Het ligt in
Leith, de haven van Edinburgh. Dat is nogal een eind weg. We zullen aan wal wel eens
zien hoe de verbinding daarnaartoe is.
|
|
|
|
Er is een free tender service
naar South Queensferry. De eerste tender vertrekt om 10.45 uur. De laatste
terugkeermogelijkheid is om 17.00 uur.
We halen op dek 5 om 09.00 uur kaartjes voor de eerste tender. Hoewel er erg
veel wind staat en het water best veel golft, verloopt het tenderen vlakjes.
Toch spat er erg veel water op. We zitten op de eerste rij. De beelden
vertekenen zich dus wat. Het tenderen duurt zo'n 12 minuten.
|
|
Aan wal worden we op z'n Schots welkom geheten.
|
|
Het blijkt dat de enige
mogelijkheid om naar Her Majesty's Yacht Britannia te gaan met de taxi is.
Tijdens het onderhandelen met de chauffeurs kunnen we niet lager komen dan een
prijs van € 25,- voor een enkele reis. De entree voor het jacht -dat hebben we
thuis al uitgezocht- bedraagt £ 12,50. Dat komt neer op een behoorlijk
totaalbedrag voor een rondleiding van ongeveer 1,5 uur.
We oriënteren ons daarom eerst maar bij een informatiestand op de kade. Op de
MSC Lirica hadden we vanaf dek 12 al gezien dat South Queensferry beslist geen
onaardig plaatsje lijkt. En dat blijkt ook uit het documentatiemateriaal wat we
aangeboden krijgen.
We besluiten in South Queensferry te blijven en naar de bezienswaardigheden tussen de Forth Road Bridge en de Forth Rail Bridge te gaan. Die liggen allemaal langs de High Street, een bijzondere naam voor een nogal smalle kustweg.
|
|
Wat is er te zien van Forth Rail Bridge tot Forth Road Bridge?
|
|
Forth Rail Bridge De Forth Rail Bridge -de eerste volledig van staal gemaakte constructie ter wereld- is een cantilever spoorbrug over de Firth of Forth tussen de plaatsen South Queensferry en North Queensferry. De brug is 2,5 km lang en de hoogte vanaf het water tot het spoor bedraagt 48 m. Er zijn 2 hoofdoverspanningen van 582 m, 2 zijoverspanningen van 207 m, 15 tussenspanningen van 51 m en 5 van 7,5 m. De hoofdoverspanningen hebben 2 cantilever armen van 207 m en ondersteunen een centrale overspanning van 106 m die de brug ondersteunt. De brug heeft een eigen permanente onderhoudsploeg. Het te schilderen oppervlak bedraagt 59 ha en daarvoor is 31.800 liter verf nodig. De bouw begon onder leiding van Sir Thomas Bouch, maar werd gestaakt toen de Tay Bridge, een ander ontwerp van Bouch, instortte tijdens een storm. Na het overlijden van Bouch werd het project overgenomen door Sir John Fowler en Sir Benjamin Baker en uitgevoerd tussen 1883 en 1890. De eerste 4 jaar werden besteed aan de bouw van caissons en pijlers. De brug werd door de prins van Wales, de latere koning Edward VII, geopend. Hij deed dat symbolisch door het aanbrengen van de laatste klinknagel. Die was verguld en voorzien van een inscriptie. Tijdens de bouw verloren 57 mensen het leven en vielen er 461 gewonden onder de voornamelijk Franse en Italiaanse werknemers. Hun herinneringsmonument staat in de hoofdstraat. In de brug werd meer dan 51.000 ton staal en 18.122 m3 graniet verwerkt. Er waren 8 miljoen klinknagels nodig |
|
|
|
|
|
|
Forth Road Bridge Met de bouw van deze hangbrug werd in 1958 begonnen. De bouw duurde 6 jaar. |
|
|
|
|
Jacobs Ladder Deze steile trap leidt naar Dalmeny Station |
|
|
![]() |
|
|
|
|
Hawes Inn De pub dateert van 1683. Het was dé pub van de vissers en het ferry-personeel. De Hawes Inn is bekend van de boeken Kidnapped van Robert Louis Stevenson en The Antiquary van Sir Walter Scott. |
|
|
|
|
Faichen's Stables In de 19e eeuw rustten de paarden er uit nadat ze diligences vanuit Edinburgh over 9 hobbelige km's naar South Queensferry hadden getrokken. De stallen zijn nu grotendeels verbouwd tot winkels. Het terrein ervoor staat vol geparkeerde auto's. |
|
|
Queensferry Museum Het museum is gevestigd in een monumentaal pand uit 1900, waarin oorspronkelijk het Viewforth Temperance Hotel was gehuisvest. Na de oorlog vestigde de The Council Chambers of Queensferry zich er. Het museum geeft een indruk van de lokale gebruiken en tradities uit de tijd van het historische Queensferry. Vanuit de grote ramen heb je uitzicht over The Forth en de historische veerbootdoorgang naar Fife. Er staat een telescoop om op de bruggen in te zoomen. In het museum krijgen de bouw van de Forth Road Bridge en de Forth Rail Bridge met een fototentoonstelling veel aandacht. Interessant is de whipping stool. Dat is een stoel waarop jonge misdadigers die schuldig waren bevonden aan vandalisme, moesten knielen om krachtens een Verordening van de stadsraad uit 1903 een pak slaag te krijgen. Er ligt in één van de vitrines ook een mes met schede. Het behoorde toe aan Edward McRobbie uit Fraserburgh. Hij was al diepzeeduiker werkzaam aan de fundering van de Forth Rail Bridge. Op een dag verloor hij het mes met schede en al. Als hij om de ongeveer 2 jaar weer het water in moest voor controlewerkzaamheden, kon hij niet nalaten weer even naar zijn mes te zoeken. En het geluk was mét hem. Ruim 7 jaar later vond hij het. De familie Mc Robbie schonk mes en schede aan het museum. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Auld Kirk De oude parochiekerk dateert uit 1633. The Auld Kirk was een status in de stad tot de jaren 1840. |
|
|
|
|
|
Graveyard Dit was gedurende meer dan 350 jaar de enige begraafplaats van South Queensferry, totdat hij in 1900 werd gesloten als zijnde 'een gevaar voor de gezondheid'. |
|
|
|
|
Black Castle Black Castle dateert van 1626 en is daarmee het oudste gebouw van de stad. Toen de eigenaar William Lowrie, een kapitein ter koopvaardij, op zee was, werd zijn meid ervan beschuldigd een bedelares betaald te hebben om een vloek over de kapitein uit te spreken. Beide vrouwen werden van hekserij beschuldigd en verbrand. |
|
|
|
|
Tolbooth De Tolbooth is gebouwd in 1635 en heeft een 5 verdiepingen hoge klokkentoren uit 1720. De klok is gegoten in 1887. Het gebouw heeft verschillende functies gehad. Zo was het douanekantoor, gevangenis en raadkamer. |
|
|
|
|
Plewlands House Plewlands House is een 17e-eeuws herenhuis, sinds 1953 beheerd door de National Trust for Scotland. |
|
|
|
|
Bellstane Hier liep de oorspronkelijke stadsgrens. |
|
|
|
|
Priory Church De Priory Church of St Mary's Episcopal Church is van de Schotse Episcopale Kerk in South Queensferry. De kerk is gebouwd in het midden van de 15e eeuw voor de Karmelieten Orde. Hij diende als parochiekerk in de 16e en 17e eeuw, maar viel daarna in verval. In 1890 werd hij gerestaureerd en heropend door de Schotse Episcopale Kerk. De kerk is nu de enige middeleeuwse Karmelieten kerk die in Brittannië nog steeds in gebruik is. Het gebouw bestaat uit een priesterkoor, een dwarsschip en een toren. Het schip lag aan de westkant van de toren totdat het werd gesloopt in 1875. In 1937 werd een kleine veranda toegevoegd aan de westkant van de toren. Het voormalige priesterkoor wordt gebruikt als schip en het dwarsschip als doopkapel. De toren had oorspronkelijk 3 verdiepingen. We kunnen slechts door met ijzerwerk afgeschermde gebrandschilderde ramen naar binnen kijken. |
|
|
Naast Faichen's Stables staat Hotel-restaurant The Two bridges.
|
|
Op weg naar het Queensferry Museum komen we op High Street langs de Anchor Inn. We kunnen niet nalaten even te gaan sfeer proeven in een pub. We nemen allebei een pint Belhaven Black Scottish Stout in -natuurlijk- een origineel glas. We vragen als coaster collectors naar ongebruikte coasters. In alle hoeken en gaten wordt gezocht. We krijgen er heel wat. Zelfs een barmat van Carling, official beer of Scottish rugby valt ons ten deel. Die krijgt een plaatsje in onze keuken vóór de espressomachine.
|
|
|
|
![]() |
High Street heeft net als de Royal Mile in Edinburgh zijsteegjes, zogenaamde closes. Die zijn zo smal of zo steil, dat er -vroeger- zelfs geen kar in kon.
|
|
|
|
Al met al is het gezellig lopen in High Street.
|
|
|
|
|
|
Rond de klok van 14.00 uur tenderen we terug naar de MSC Lirica.
|
|
We lunchen in
restaurant Le Bistrot op dek 11. We nemen er een Rosé Garda Chiaretto DOC 'Selva Capuzza'
en een Paulaner Hefe-Weisbier bij.
Wat later nemen we thee met gebak. Het is dan gaan regenen.
We kijken nog even in de bibliotheek. We zijn er al zo dikwijls langs gekomen, maar nog nooit binnen geweest.
|
|
In restaurant La Bussola is het
weer een Italiaanse avond. Anders dan de vorige keer is er nu niet verzocht in
de kleding één of meerdere kleuren van de Italiaanse vlag te verwerken.
We kiezen vanavond
|
|
Fried calamari |
|
|
Insalata tricolore |
|
|
Vegetable minestrone / Bologna-style Tortellini |
|
|
Ossobuco |
|
|
Italian cheese platter |
|
|
Fresh fruit / Ice cream |
Uiteraard is er weer taart na.
|
|
Na regen komt altijd weer
zonneschijn.
Inmiddels is om 18.00 uur de MSC Lirica richting Newcastle vertrokken.
Om 21.00ur vangt in het theater
de show Cuore Italiano aan. We hebben die show vorige week ook al eens gezien.
Het is meer zang -door 1 zanger en 2 zangeressen- dan dans. Allemaal in het Italiaans,
zoals Volare en Ti Amo. Het geluid staat erg hard. Er is wel een ballet, maar
dat danst bijna uitsluitend op de achtergrond. Het is naar onze mening toch één
van de mindere shows.
Als het theater volloopt is er nog een komisch optreden van één van de jongens
van het Animatieteam. Hij heeft een dienblad met kopjes en glaasjes in de ene
hand en een fles Italiaanse likeur in de andere. De kopjes en glaasjes zitten
-bijna onzichtbaar- met een lintje vast aan het dienblad. Ze kunnen dus wel van
het dienblad afvallen, maar blijven vastzitten aan het dienblad. Hij loopt
steeds achter -meestal mannelijke- bezoekers aan die een plaats zoeken. Hij
stoot dan expres van achteren tegen zo'n bezoeker aan, valt half, houdt het
dienblad goed vast, maar zorgt er tegelijk voor dat kopjes en glaasje er vlak
boven de grond van af vallen. In eerste instantie grote schrik dus én
verontschuldiging bij de bezoeker. Grote hilariteit in de zaal. Hoe meer gelach,
hoe uitbundiger het optreden van de komiek wordt.
|
|
|
|
Voor we gaan slapen halen we op dek 6 nog een frisse neus.