Dag 7.
Volterra - San Gimignano - Montecatini Terme
Het heeft vannacht gestroomd van de regen en dat doet het als we om 07:30 uur gaan ontbijten nog steeds. Erger: er is voor de hele dag regen voorspeld.
We wachten in de hal totdat iedereen er is en gaan dan -als begin van wéér een interessante dag- gezamenlijk naar de bus.
|
|
Geen autostrada vandaag. We
rijden binnendoor naar Volterra, dat wil zeggen via Altopascio, Pontedera en
Peccioli. De vele wijngaarden waar we langs rijden zijn allemaal uitlopers van
de meest bekende streek van Toscane: de Chianti-streek. Rond Volterra liggen
allemaal graanvelden.
Het is bijna niet te geloven, maar onderweg wordt het droog. Dat is nog steeds
zo als we in Volterra aankomen: wel droog, maar erg veel wind en erg koud.
Volterra ligt
op een hoogte van 550 m. Het is een oude stad en was al bewoond tijdens de
Villanovakultuur (10e-8e eeuw v. Chr.). Het Etruskische Velathri was één van de
12 stadstaten van de Etrusken. Delen van de Etruskische stadsmuren zijn nog
zichtbaar. In de 3e eeuw v. Chr. was de plaats het Romeinse municipium
Volaterrae. In de 5e eeuw na Chr. kreeg Volterra een bisschopszetel en werd
daardoor centrum van de omgeving. De bisschoppen zetelden in het castello, later
werd daar een fortezza gebouwd. In de Middeleeuwen kwam de macht aan de commune.
In de 13e en
14e eeuw was er strijd tussen de Guelfen en de Ghibellijnen. Het stadsbestuur
werd gevormd door een Signora. Midden 14e eeuw hebben Florentijnen de macht in
handen gekregen. In 1530 werd de stad ingelijfd bij het groothertogdom Toscane.
Tegenwoordig is Volterra bekend geraakt bij veel jongeren over de hele wereld dankzij de succesvolle boekverfilmingen van de Twilight Series. In deze serie is Volterra een belangrijke stad en de thuishaven van de Volturi, een verband van een groep vampieren met duistere krachten.
Op Piazza dei Priori ontmoeten we onze lokale gids Dika Boelens. Weer een Nederlandse die al jaren in Italië woont.
Een bezienswaardigheid is Palazzo dei Priori. Dit gemeentehuis werd gebouwd in 1208 en is daarmee het oudste gemeentehuis van Toscane. Het werd zelfs als voorbeeld gebruikt voor het Palazzo Vecchio in Florence. De voorgevel is versierd met wapenschilden van geglazuurd terracotta. De toren kan worden beklommen en geeft een prachtig uitzicht over de stad en het omliggende heuvellandschap.
|
|
|
|
Tegenover het Palazzo dei Priori staat het Palazzo Pretorio, waar in een deel ooit de gevangenis gevestigd was.

Door kleine straatjes en langs torenhuizen komen we op de Piazza San Michele.
|
|
|
|
|
|
Piazza San Michele is genoemd naar de kerk die op het plein staat.
In een bisschoppelijke bul uit 987 wordt al over de kerk gesproken.
Vroeger was
dit plein het Forum Romanum.
In het plaveisel zitten hier en daar schelpen. Dat wijst erop dat dit niveau
vroeger oceaan was.
|
|
We lopen door naar de stadsmuur.
|
|
Net buiten de stadsmuren ligt het Teatro Romano uit de 1e eeuw v. Chr.. Het theater bood plaats aan 1.200 toeschouwers.
|
|
Achter het theater lagen de thermen.
Vlak bij Piazzetta della Pescheria in de Via del Mandorlo ligt een albast/marmerwerkplaats: Rossi Alabastri. Prinses Beatrix is hier vaste klant.
|
|
|
|
![]() |
|
|
![]() |
|
|
![]() |
Aan de buitenkant ziet de Cattedrale di Santa Maria Assunta er maar simpel uit, omdat het geld voor versieringen ontbrak. Daarom wordt de Duomo van Volterra ook wel 'De ontsierde kathedraal' genoemd. We kunnen ver weg van de façade slechts één muurreliëf ontdekken.
|
|
|
|
Het interieur
biedt een kijkje in de late Renaissance.
De preekstoel werd in 1584 gereconstrueerd met behulp van delen van meubels uit
de 12e eeuw. Het Mariabeeld is van
Francesco di Valdambrino. Er zijn veel schilderijen.
|
|
|
|
|
|
In het Oratorio della Vergine van de Cattedrale di Santa Maria Assunta, Oratorio della Vergine trekt het prachtige fresco 'De tocht der wijzen' -Cavalcata dei Magi- van Benozzo Gozzoli aandacht. Dat gaat echter achter een traliewerk schuil. Fotograferen van het geheel is daardoor onmogelijk. Gelukkig bestaan er wel afbeeldingen van.
|
|
Onderdelen kunnen door de tralies heen gelukkig wél worden gefotografeerd
|
|
|
|
Dika vertelt nog een bijzonderheid: de heilige paus Linus was tussen 67 en 76 de 2e paus. Hij wordt beschouwd als de opvolger van Petrus als bisschop van Rome. Irenaeus van Lyon beschouwt Linus als dezelfde als die waarover Paulus spreekt in 2. Tim 4:21. Tijdens zijn pontificaat werden de eerste 15 bisschoppen ingesteld. Omdat Petrus geen paus noch ook bisschop was, hij was immers één van de 12 apostelen, moet Linus worden beschouwd als de 1e paus. En paus Linus was afkomstig uit Volterra.

Pal tegenover de Duomo staat het Baptisterium.
|
|
Het is binnen
bijna aardedonker. Gelukkig gaat telkens de deur open. Veel mensen willen naar
binnen. Telkens als de deur open gaat is er wat te zien.
De doopvont uit 1759 is van Giovanni Vaccà. De wijwaterbak is van een oude
Romeinse sarcofaag. Els kan ze slechts fotograferen als er weer iemand het
Baptisterium binnenkomt of als Toine de deur open houdt.
|
|
|
|
In de koepel van het Baptisterium worden filmbeelden geprojecteerd.
|
|
Om 12:00 uur
beëindigt Dika haar rondleiding.
We lusten wel wat. Bij Chic e Shock in de Via di Vigilucci eten we een broodje
serranoham en nemen er een cappuccino bij.
Door de Via Matteotti lopen we naar de Via Gramsci. Allebei winkelstraten.
|
|
De etalages puilen uit van glas, geglazuurd aardewerk -dat veelal uit Sicilië afkomstig is-, peper en delicatessen. Alleen een reisgenoot die blauwe schoenen zoekt, loopt een blauwtje. Hij had beter naar een opticien moeten zoeken.
|
|
|
|
|
|
|
|
Een café heeft een terras dat is versierd met tegeltableaus.
|
|
|
![]() |
We komen op de Piazza XX settembre. Er staat een oorlogsmonument.
|
|
We hebben op het plein aan de rand van de bebouwing een leuk uitzicht.
|
|
Even verder op het plein staat de Chiesa di Agostino, gebouwd in de 2e helft van de 13e eeuw toen de Augustijner monniken zich in Volterra vestigden. De Augustijnen werden in 1810 door Napoleon verdreven. De kerk werd toen parochiekerk. De huidige gevel stamt uit de 18e eeuw.
|
|
We gaan terug
naar de Via Gramsci. Op de hoek staat het Oratorio di San Antonio Abate uit de
11e/12e eeuw. Meer weten over Sint Antonius-Abt? Klik dan
hier.
Het kerkje, dat tal van verbouwingen, zowel binnen als buiten, heeft ondergaan,
werd gebouwd door de ziekenhuisbroeders van de RK-congregatie der Antonieten.
Het 15e-eeuwse altaarstuk van
geglazuurd terracotta is van de hand van Benedetto Buglioni (1459-1521).
|
|
Op weg naar de
parkeerplaats waar Oreste zijn bus heeft staan voor vertrek naar San Gimignano
komen we weer op Piazza San Michele. Nu gaan we de kerk even binnen. Hij is
jammer genoeg niet verlicht.
Op het priesterkoor zien we in een nis een geglazuurde terracotta
Moeder met Kind van Giovanni della Robbia uit de 15e eeuw.
|
|
Het is dan 14:30 uur. Volgens zeggen zou vanaf dit hoge punt bij helder weer Corsica te zien zijn.
Ondanks het feit dat het zwaar bewolkt is -maar gelukkig nog steeds droog- genieten we van de vergezichten en de vele torens in de skyline van San Gimignano.
|
|
|
|
San Gimignano is een middeleeuws stadje. Het is bekend om zijn 14 torens die het silhouet van de stad domineren. Ze zijn tussen de 12e en de 14e eeuw door rivaliserende, rijke families opgetrokken. De torens deden ook hier dienst als woning en versterking, maar vooral als prestigeobject. Tijdens de strijd tussen rivaliserende families, ofwel tussen Guelfen -gezworen aanhangers van het pauselijk gezag- en Ghibellijnen -tegenstanders van de wereldlijke macht van de paus-, verschanste men zich tussen de torens en vocht men daar hun vaak bloedige vetes uit. Op het hoogtepunt had de stad 72 torens.
|
|
In de late Middeleeuwen was de stad erg welvarend door diens ligging aan de
pelgrimsroute naar Rome. Maar de pestepidemie van 1348 en later de omlegging van
de pelgrimsroute betekenden de economische ondergang, maar wel het behoud van
zijn middeleeuwse karakter.
In 1990 is het historisch centrum van San Gimignano geplaatst op de
Werelderfgoedlijst van UNESCO. San Gimignano is één van de best bewaarde
middeleeuwse stadjes van Toscane en het is daardoor tevens één van de drukst
bezochte. Wereldoorlogen hebben daar niets aan kunnen veranderen.
Het monument ter herdenking van de slachtoffers van WO I op Piazzale Martiri di
Montemaggio vinden we bijzonder.
|
|
![]() |
Het stadje, dat met behulp van geld van UNESCO grootscheeps is gerestaureerd, is
helemaal ommuurd; de laatste ommuring dateert van de 13e eeuw. De belangrijkste
toegangspoorten zijn:
• Porta San Giovanni, in het zuiden
• Porta San Matteo, in het noordwesten en
• Porta S. Jacopo, in het noordoosten
We gaan San Gimignano in door de Porta San Giovanni.
|
|
Alle wegen leiden naar het hoogste punt van het dorp waar zich de
Piazza della Cisterna en de Piazza Duomo bevinden.
|
|
|
|
In heel veel winkeltjes wordt geglazuurd aardewerk aangeboden. Meestal mag er niet worden gefotografeerd.
|
|
|
|
Maskers worden ook veel verkocht. Van papier maché en van leer.
|
|
De één wordt
beer, de ander bruid. Weer een ander is prinses of piraat. Rijken worden
sloebers en armen worden rijkaards. Mannen gaan als vrouwen en vrouwen gaan als
mannen verkleed. Tijdens het carnaval leven we in een omgekeerde wereld. Op het
moment dat we een pakje aantrekken, zijn we iemand anders, of onherkenbaar. Maar
wanneer en waarom is deze carnavalstraditie eigenlijk ontstaan?
Het carnaval dat we nu kennen is te herleiden tot de Griekse en Romeinse
Oudheid, maar ook in nog veel oudere culturen zijn er gebruiken van
aangetroffen.
Onze vroege voorouders vierden het einde van de winter en het begin van een
nieuwe vruchtbare tijd, de lente, met de feestelijke verering van heidense goden
van vruchtbaarheid. Bij de opkomst van het katholieke geloof verbood de kerk
deze heidense feesten. Het volk ging echter in het geheim -verkleed om niet
herkend te worden- vaak door met feestvieren. Bij deze feesten ging het er om
dat iedereen gelijk was. De meester diende de slaaf en de slaaf de meester. Deze
omkering was onderdeel van het spel.
De kerk besloot uiteindelijk deze populaire volksfeesten toch te omarmen en er
een katholieke traditie van te maken, die wij nu kennen als Vastenavond. De
heidense goden werden vervangen door katholieke heiligen.
In de oudheid droegen de mensen vaak alleen een lappenkleed of een laken over
hun hoofd. Door de eeuwen heen werden de verkleedpartijen uitgebreider en
geraffineerder.
In allerlei uitdossingen gingen de feestvierders elkaar een spiegel voorhouden,
dreven ze de spot met de gevestigde orde en wie wilde deel uitmaken van deze
omgekeerde én gelijke wereld moest zich ook verkleden, want op het moment dat je
zo’n carnavalspakje aantrok was je iemand anders, het maakte helemaal niet meer
uit wat je deed of wie je was.
Hoe je je nu ook verkleedt, als clown of kapelaan, rijk of arm, man of vrouw,
met óf zonder masker, oorspronkelijk is dit gebruik dus ontstaan om iemand
anders te worden én om anderen onherkenbaar te bespotten.
Er is zelfs een delicatessenzaak die wild zwijn ham verkoopt.
|
|
Piazza della Cisterna vormt het middelpunt van San Gimignano. Het heeft een driehoekige vorm en heeft zijn naam te danken aan een waterreservoir dat in het plein is geplaatst. Dit reservoir werd gebouwd in 1237 en uitgebreid in 1346. Het reservoir zorgde voor veilig en gemakkelijk te bereiken water, mede door de sporen die achterbleven van de touwen en kettingen om de waterkruiken te slepen.
|
|
|
|
Volgens de
Lonely Planet is San Gimignano niet alleen een must-see voor liefhebbers van
kunst, maar ook voor die van het ijs. De gids wijst de Gelataria Dondoli aan als
de ijssalon voor het beste ijs.
Gelateria Dondoli ligt aan Piazza della Cisterna. Het is een klein zaakje, dat
eigenlijk niet eens erg opvalt. Op het plein is nóg een ijssalon te vinden en
veel toeristen denken dat dit de zaak van Dondoli is. Goed opletten dus. De
Gelateria Dondoli is zo bijzonder, omdat Sergio Dondoli een echte ijsmeester is.
Hij maakte deel uit van het Italiaanse team dat 2 keer het Wereldkampioenschap
IJsmaken heeft gewonnen. Het ijs dat Dondoli maakt is niet alleen van zeer hoge
kwaliteit, er zijn ook tal van bijzondere smaken te kiezen. Bijvoorbeeld
Framboos en Rozemarijn (Lampone e Rosmarino) en Braam en Lavendel (Mora e
Lavanda), maar ook Limoncello-ijs en natuurlijk Vernaccia-ijs, gemaakt van de
lokale druivensoort. De ‘gewone’ smaken, zoals chocola, aardbei en vanille zijn
eveneens onovertroffen. De rij voor de winkel van Dondoli lijkt lang, maar er
wordt hard doorgewerkt, dus voor je het weet -zo wordt althans gezegd -zit je
bij de waterput met een overheerlijk ijsje.
We willen dat graag geloven, maar willen -gezien onze beperkte tijd- toch niet
in een rij staan voor ijs.
|
|
De Collegiata is de belangrijkste kerk van San Gimignano en is gelegen aan het Piazza del Duomo in het hart van de stad. Het was ooit de Duomo maar omdat San Gimignano geen bisschop meer heeft, is de status van de kerk ook gewijzigd. Aan het begin van de 10e eeuw werd op deze plek de eerste kerk gebouwd. Het huidige gebouw dateert van het begin van de 12e eeuw en werd in 1148 door paus Eugenius III ingewijd. Tussen 1466 en 1468 werd de kerk door Giuliano da Maiano aangepast en uitgebreid. De façade dateert van 1239 en is opmerkelijk vlak.
|
|
In de
Collegiata Santa Maria Assunta mag niet worden gefotografeerd. Maar ja, hebben
is hebben. Stampvoetende en No foto! No foto! roepende vrouwelijke suppoost ten
spijt.
De Annunciatie, de Kruising -met daarboven de Kindermoord- en het Martelaarschap
van San Sebastian door Benozzo Gozzoli geven blijk van een supersnelle actie.
|
|
|
|
|
|
De wand van de
linker zijbeuk is helemaal gedecoreerd met fresco’s, die een cyclus van
taferelen vormen uit het
Oude Testament. Onder meer de briljant gerealiseerde verhalen van Noach en de
ark, Abraham en zijn nakomelingen, Joseph de Dromer en Mozes. Het laatste
verhaal is dat van Job.
Voor ons vormen de fresco’s
een beeldverhaal, maar in de 12e eeuw was 95% van de bevolking analfabeet en was
de Kerk wel verplicht het Oude en het Nieuwe Testament op deze manier aan het
volk te tonen. Ook al kon men niet lezen, toch leidde men uit de fresco’s af wat
de boodschap van de Testamenten was.
De decoratie van de rechter zijbeuk is van eerder datum. Waarschijnlijk van rond
1360. De kunstenaar, Barna van Siena, stierf doordat hij van de steiger viel.
Het grootste deel van de fresco’s is gewijd aan het leven van Jezus.
Aan het einde van de rechter zijbeuk bevindt zich de Cappella di Santa Fina. Het is een waar meesterwerk van de Toscaanse Renaissance. Santa Fina werd geboren in San Gimignano in 1238. Ze overleed -15 jaar oud- in 1253. Ze is de patroonheilige van de stad. De legende vertelt over een meisje uit San Gimignano dat op haar 15e stierf na lange tijd ziek te zijn geweest. Tijdens haar ziekte wijdde zij zich echter aan het zorgen voor de armen. Haar dood werd aangekondigd door Gregorius de Grote toen zij op haar bed lag: een houten plank in een kamer vol met ratten. Toen zij stierf groeiden er op de plank witte bloemen, soms ook wordt gesproken van viooltjes.
Op de zijwanden zijn 2 fresco’s van Domenico Ghirlandaio en leerlingen (1475), voorstellende: rechts: paus Gregorius zegt de heilige de dag van haar dood aan, met daarboven Santa Fina ten hemel gedragen door 2 engelen; links: de uitvaart van Santa Fina en 3 wonderen uit haar legende: de genezing van haar voedster Beldia, de priester die opnieuw ziet, en de klokken die geluid worden door engelen.
|
|
Het raadhuis is met wapens versierd.
|
|
|
|
|
|
We gaan terug naar de bus.
|
|
Om 16:30 uur
als we vertrekken naar Montecatini Terme gaat het regenen.
In Montecatini blijkt het de hele dag geregend te hebben en dat doet het bij
aankomst nog steeds.
Het diner
bestaat uit:
• Antipasti
• Varkensvlees met worteltjes en boontjes
• Fruit
Voor de laatste keer tafelen we in het Park Hotel Moderna lang na. Morgenochtend verlaten we het hotel.