Dag 10. Zaterdag, 10 oktober 2009
Los Angeles - Laughlin
We gaan om ruim voor 08:30 uur weg. Het wordt weer een lange reisdag. We moeten 330 miles afleggen, maar die worden gezellig onderbroken door een picknick in Joshua Tree National Park. De totaal gereden afstand wordt dan 1.880 miles.
Het
is weer behoorlijk heiig en smoggy.
We gaan de Interstate 10 op. De wegen zijn in het westen een stuk minder van
kwaliteit dan in het oosten.
Los Angeles beschikt zelf niet over water. Dat wordt daarom via pijpleidingen uit de Colorado River aangevoerd.
We rijden langs
Forest Lane Memorial Park bij Covina. Daarna kruisen we de ongelijkvloerse
Interstates 57, 15 en 215.
Het valt ons op, dat de benzineprijs hier in het westen een stuk hoger ligt dan
in het oosten. Ligt de prijs daar rond de $ 2,15 per gallon, hier kost een
gallon zo rond de $ 3,10.
We komen weer langs enkele windmolenparken. Er zijn vrij forse bij.
|
|
Ook rijden we een behoorlijk lang stuk langs een spoorlijn. Het goederentreinvervoer vindt in Californië plaats over 2 spoorlijnen: één van noord naar zuid en één van oost naar west. Ze kruisen elkaar bij Barstow. Er wordt van diesellocomotieven gebruik gemaakt. Bij de spoorlijnen ontbreekt derhalve een bovenleiding. Dubbeldekscontainers zijn daarvan het gevolg.
Op het station van Rialto City staat een eindeloze rij locomotieven. Kennelijk wachten ze op vracht. Dat is geen goed teken voor de economie.
Na 1½ uur
houden we een toiletstop. Naast de toiletten staat een bordje met het verzoek de
politie in te lichten als er dronken chauffeurs worden gesignaleerd.
|
|
We kruisen de Interstate 215. Voorbij Beaumont wordt het landschap steeds woestijnachtiger. Dat is niet zo verwonderlijk, want we zitten aan de rand van de Mojave Desert en daarmee dus in de vegetatiegordel van de chaparral. Dat is een dichte begroeiing van -altijd groen- struikgewas en maximaal 3 m hoge bomen. Het woord chaparral komt van het Spaanse woord 'chaparra' en dat betekent 'altijd groene eik'. De chaparral bestaat uit veel droogte- en vuurbestendige planten. Veel van deze planten en bomen hebben leerachtige bladeren, een knoestachtige schors en indrukwekkende doorns.
De Mojave Desert -Mojave wordt gebruikt voor de woestijn en Mohave voor het indianenvolk- bestrijkt een groot gedeelte van zuidelijk Californië en kleinere gedeelten van Utah, zuidelijk Nevada en het noordwesten van Arizona. De woestijn is vernoemd naar de indianenstam Mohave en beslaat een oppervlakte van 57.000 km2. Een groot gedeelte van de woestijn bestaat uit aarde en niet uit zand.
|
|
We komen even in een file door een gekantelde vrachtwagen. Hij ligt bijna onderste boven en de hele lading bakstenen is losgekomen. De chauffeur kan dat nauwelijks hebben overleefd.
Via de Interstate 62 rijden we naar Joshua Tree National Park. Maar niet rechtstreeks. We stoppen ergens bij een shopping center tussen Joshua Valley en Yucca. Het is dan 11.45 uur. Bij supermarkt Vons kopen we brood, beleg, wijn en frisdrank voor de picknick. We zitten inmiddels in de Morongo Valley. Er staan erg veel joshua trees. Dat zijn, anders dan de naam doet vermoeden, geen bomen maar grote planten, die behoren tot de familie van de Yucca's. De grillig gevormde joshua tree is een van de meest karakteristieke planten in de Mojave Desert. De grootste exemplaren zijn ongeveer 12 m hoog, en zijn naar schatting zo'n 900 jaar oud.
|
|
In Joshua Tree National Park staan geen huizen van steen. Dat zou zandkalksteen moeten zijn, maar dat is niet bestand tegen grote temperatuurverschillen, zoals die in het park voorkomen. Ze springen dan steeds kapot. Daarom zie je alleen maar houten huizen.
|
|
Hans brengt ons naar een prima picknickplaats. Er zijn ook anderen, maar dat deert niet. De natuur is schitterend.
|
|
Het is verboden dieren te voederen. Maar je kunt zo'n Western Scrub Jay toch niets weigeren?
|
|
Brood en wijn smaken ons -zeker in deze omgeving- uitstekend. Er komt een FOX-groep voorbij. Ze kijken ons het brood uit de mond. Ze zijn heel niet tevreden over hun reisbegeleider. Hoe anders is het bij ons!
|
|
|
|
Om 13.45 uur vertrekken we weer.
We komen voorbij de
Marine Corps Base Twentynine Palms.
In het gebied waar we nu doorheen rijden, staan overal heel eenvoudige houten
optrekjes. Die staan er eigenlijk alleen maar om de grondeigenaar het recht te
garanderen om
het land te bebouwen. We zien ook een bronzen bison.
|
|
We zien grote soda/zandvlaktes. Vroeger behoorde het zuidwesten van de VS tot de oerzee.
Om 15:30 uur houden we een
koffiestop bij Vidal Junction bij de splitsing van de Interstates 62 en 95. De
Interstate 62 gaat door naar de Parkerdam in de Colorado River, maar wij gaan
over de Interstate 95 richting Needless. Het is nog steeds warm. Ruim boven
de 30º. De
hele dag heeft de zon geschenen.
Het is in deze streek zo droog, omdat de uit de Atlantische Oceaan komende
regenwolken tegen de westkant van de Sierra Nevada opbotsen, omhoog stijgen en zich ontladen.
|
|
|
|
Langs de Colorado River rijden we naar Laughlin. Laughlin ligt in het uiterste zuiden van Nevada, aan de grens met Californië en Arizona. Bij de volkstelling in 2000 werd het aantal inwoners vastgesteld op 7.076. Laughlin heeft een oppervlakte van 231,8 km2, waarvan 228,2 km2 land en 3,6 km2 water. Laughlin bestaat eigenlijk alleen uit enorme gokhotels, waaronder één in de vorm van een grote radarboot.
|
|
|
Colorado River |
Op 16 december 1968 kreeg dit plaatsje zijn naam. Donald -Don- Laughlin, hoofdcipier in Las Vegas, opende hier in 1966 zijn casino. Het hotel had 8 kamers, waarvan Laughlin en zijn gezin er 4 bezette. Uiteraard werd de plaats naar hem genoemd. Don had het goed gezien: de inwoners van Bullhead City, aan de overkant van de Colorado River, hielden wel van een gokje. Zo zelfs, dat er een jaar later nóg een casino werd gebouwd. En kort daarna wéér één. Toen was het een jaar of 3 stil. Vervolgens was er geen houden meer aan. Don Laughlin's Riverside Resort Hotel telt nu ruim 1400 kamers
We verblijven in het Edgewater Casino Resort. We zijn er tegen 17:30 uur. We schrijven direct op in welke toren we een kamer hebben, anders vind je die nooit meer terug. Straks zullen we wel op zoek gaan naar de receptie en een businesskaartje van het hotel vragen. Altijd makkelijk zoiets bij je te hebben.
We eten maar op de kamer. Vanmiddag, toen we bij supermarkt Vons waren, begrepen we -en wij niet alleen- dat er in het Edgewater Casino Resort niet ontbeten kan worden. We kochten daarom iets lekkers voor de volgende morgen. Maar gelijktijdig met de toedeling van de kamers krijgen we een ontbijtbon. Miscommunicatie dus.
|
|
We lopen nog even rond in het casino en gaan dan naar buiten. Op de parkeerplaats zien we een zwart-wit diertje rondscharrelen. Even kijken wat het is. Automobilisten waarschuwen ons niet te dichtbij te komen. We denken natuurlijk dat dat wordt gezegd omdat het diertje kan aanvallen. Maar nee, het gaat om een skunk, een stinkdier, en als die zich bedreigd voelt, spuit hij -na eerst te hebben gewaarschuwd overigens- de inhoud van zijn extreem onaangenaam ruikende anaalklieren tot op 3 m ver recht in je gezicht.
|
|
Rondom het Edgewater Casino Resort staan overal casino's. Het meest opvallend is het Colorado Belle Hotel & Casino. De Colorado Belle is een replica van een 19e eeuwse Mississippi radarboot van meer dan 180 m lang. Het hotel heeft iets meer dan 1.170 kamers. In het water rondom het hotel zwemmen 100-den koikarpers.
|
|
|
|
We
wandelen nog wat langs de Colorado River. We zijn niet de enigen, het is
gezellig druk. Er varen nogal wat verlichte boten.
Dan zoeken we in het
Edgewater Casino Resort
waar we morgenochtend kunnen ontbijten en hoe laat dat kan. We vinden ook nog
een leuk barretje, waar we niet hoeven te gokken: Ember's Lounge. We laten ons
het bier goed smaken: Michelob Ultra beer en New Castle Brown Ale, the one and
only of course!
|
|
|
Laughlin |